Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
50. De eerste zwijnen.
11 juni 2011
Tonnerre-Chablis: 18 km.
dag 42, totaal: 863 km.

Wat kan het leven toch mooi zijn hier in Frankrijk. We hebben de Champagne verlaten en zijn de Bourgogne binnen gelopen en nu op weg naar Chablis alwaar we onze overnachting gepland hebben.Vandaag is Maarten jarig, de vriend van dochter Lotte. We hebben een filmpje gestuurd maar dat blijkt helaas niet doorgekomen te zijn. We bellen hem ook nog even, Maarten gefeliciteerd, we vatten er hier inne of meer op, proost!
Ruim na 8 uur vertrekken we en we deponeren de sleutel in de brievenbus van de "presbytere" (soort koster). We pikken de route weer op voor Fosse Dionne, een spectaculaire onderaardse bron die naast het gelijknamige gerestaureerde boerderij ligt waar we gisteravond wat gedronken hebben. De bron komt daar boven de grond in een soort van ronde vijver. Het water is kristalhelder en het gat waaruit het water uit de grond komt is onder het wateroppervlak duidelijk te zien. Een echte beauty. Voor we verder klimmen ploppen we nog even een bericht op de reislog. De route heeft gelijk al een behoorlijke klim voor ons in petto en stuurt ons via de mooie kerk van St. Pierre, die hoog op een heuvel prijkt, naar het hoogste punt. Van daaruit hebben we een prachtig uitzicht op de oude stad Tonnerre die ons toch een klein beetje een vervallen indruk heeft gegeven.

We lopen de hoogvlakte op en het kiezelpad voert ons door het dichte bos van Garenne. Aan het eind van het bos zien we voor het eerst de "sanglier" (wild zwijn) weliswaar in gevangenschap. We komen namelijk bij boerderij Chavant waar ruim 3 hectare bos is afgezet en waar in totaal 120 wilde zwijnen rond lopen, 3 keilers, 32 vrouwtjes en de rest allemaal biggen. Ze worden hier gefokt en zijn allemaal bestemd voor de jacht omdat er in dit gebied weinig wilde zwijnen voorkomen. Dit alles vernemen we van de zwijnenboer als we vragen of we foto's mogen maken. Hij haalt wat voer uit zijn auto en lokt ze voor ons aan de gaas. Een interessant verhaal maar toch ook wat teleurstellend te weten dat het gefokt wild is wat uitgezet gaat worden. Het werkt hier dus niet anders dan bij ons in Holland. Gelukkig zien we bijna dagelijks reeën en herten in het wild want die laten zich niet makkelijk fokken voor de jacht.
We zijn op tijd in het kleine plaatsje Chablis waar we direct bij binnenkomst doorlopen naar het Office de Tourisme. We vragen naar een pelgrimsovernachting en worden doorverwezen naar Madame Fantin die pelgrims opvangt. De jongeman tekent de route netjes op het plattegrond en nee, reserveren is niet nodig volgens hem. Dus lopen we aan op weg naar Madame Fantin. Het is toch nog even zoeken maar uiteindelijk komen we op het juist adres aan. We moeten een gang door en komen op een binnenplaats waar de was buiten hangt (allemaal grote witte onderbroeken en hemden). We vinden de deur naar Madame. Een oude en een iets jongere dame geven de hand en stellen zich voor. Ze vertellen dat er al een pelgrim in de kamer verblijft en alleen als hij geen bezwaar heeft kunnen we bij hem op de kamer. Dan gaat het raam open en staat Armin, onze Duitse pelgrim ons hartelijk toe te zwaaien. Hij was ons al weer 2 uur voor. Hij heeft geen bezwaar met 2 kamergenoten extra en vindt het zichtbaar leuk ons weer te treffen.

De kamer blijkt er eentje van het niveau "antiek" met 3 krakende metalen bedden. Madame vertelt ons direct dat de prijs van 15 euro p.p. is. Op onze vraag naar het "petit dejeuner" (ontbijt) verwijst ze ons naar de "Epicerie" (kruidenierswinkeltje) op de hoek. Ook zegt ze dat we in de keuken ons diner kunnen klaarmaken. Een kijkje in de keuken leert ons al gauw dat we het niet te nauw moeten nemen met de hygiëne want erg fris ziet het er allemaal niet uit.
Als Madame vervolgens met een stempel komt voor in het credential wil ze gelijk geld zien en zegt dat de bijdrage voor gebruik van stroom en water is. Geen schoon beddengoed, een smerig onderkomen in alle opzichten en geen enkel stukje eten..... Het lijkt madam alleen maar te doen om het geld en niet om het lot van pelgrims. Gedrieën gaan we boodschappen doen en halen rijst met gemengde groenten en tonijn. Als dessert stokbrood met kaas. We wassen van te voren de borden en het bestek goed af en bereiden samen ons eten met een heerlijk glaasje wijn erbij. Ondanks alle ongemakken in dit krakkemikkige onderkomen wordt het toch nog een gezellige avond.

Voor we gaan slapen wordt de rug van PP nog even ingesmeerd met medicinale gel tegen spier en gewichtspijnen, die Armin in zijn medicijntasje heeft. PP denkt dat hij een kou gevat heeft op de rug onder het schouderblad. Ook heeft hij last van een geïrriteerde huid aan de rechterhak. Voorlopig even afplakken zodat het kan rusten.
Wat kleine ongemakken die ons niet weerhouden van een goede nachtrust op.....3 metalen krakende bedden.







































