46. We verklaren de teken de oorlog… 7 juni 2011

46. We verklaren de teken de oorlog…

7 juni 2011

Brienne le Chateau-La Villeneuve au Chene: 29 km.

dag 38, totaal: 771 km.

 

 


We deponeren de sleutel van ons nachtverblijf in de brievenbus van de office de tourisme en gaan vroeg op pad. We nemen de hoofdweg naar Brienne la Vieille waar we weer aansluiten op de GR-route. We komen bij de rivier de Aube, een niet al te diep stromende rivier. Het water is helder en net voor de brug zien we in de luwte van de stroming twee dikke vette karpers zwemmen. Een mooi gezicht maar helaas niet duidelijk op foto te krijgen.

Verderop worden we het bos in gestuurd en het te volgen pad, modderig en glad. We moeten geconcentreerd lopen om niet uit te glijden en missen daardoor een afslag. We lopen verkeerd maar de hoogspanningsmasten geven aan dat we parallel lopen aan het eigenlijke pad. Na een kleine kilometer komen we weer terug op de route en het aantal verkeerd gelopen meters valt mee. De muggen zorgen er voor dat de vaart er goed in blijft want stilstaan is gelijk aan lek gestoken worden.Als we Dienville binnen lopen zien we langs de weg een oude antiek uitziende aanhangwagen staan. Op de aanhangwagen aan de buitenzijde twee grotere blauwe ketels en ertussen twee wat kleinere koperen ketels. Tussen de ketels lopen wat leidingen met drukmeters. 

Een vreemd geheel voor ons maar als we korter bij komen zien we onder de ketels een lange smalle bak staan precies gesitueerd onder de aftappunten van de ketels. In deze bak liggen een hoop pitten, waarschijnlijk kersenpitten. Het uiteinde van de bak hangt boven een gat in de grond waar een hoop drab in ligt. Een sport van rottende geur die erg onaangenaam riekt. Het geheel blijkt een mobiele stokerij te zijn waar van vruchten een of andere brandewijn gestookt wordt. De kersen zijn op dit moment rijp dus het zal kersenbrandewijn zijn wat er nu gestookt wordt.

 

Bij de kerk in dit dorp zien we een wat oudere man met een zwaar bepakte rugzak. Hij heeft een lolly in zijn mond. We lopen elkaar te gemoed en als we elkaar aanspreken blijkt hij ook aan het pelgrimeren te zijn. Het betreft Herman Jansen uit Voorburg die vanuit die plaats aan het pelgrimeren is naar Vezelay. Hij loopt iets anders dan alleen maar de GR en na een kort onderhoud gaan we weer onze weg.
Onderweg naar Amancy komen we na het oversteken van een kanaaltje aan bij het begin van een groot bosgebied "Foret d'Orient". Veel ligusterheggen die hier in het wild groeien. Ze staan in bloei en de bloesem geeft een heerlijke sterke geur af. Iets verder zien we aan de bomen borden aan kettingen hangen met opschrift "Danger, Chasse" (gevaarlijk, jacht). We horen geen schoten en we zien ook nergens rode vlaggen hangen waarop we besluiten door te lopen. We lopen langs een keet van het model zeecontainer met enkele ramen erin en een kachelpijp erop.

De keet is gecamoufleerd groen en er ligt een stapeltje kachelhout bij. Als we door de ramen binnen kijken blijkt het een summier ingerichte jachthut met een grote houtkachel waar een lange tafel voor staat. Achter de jachthut staat een geweerrek en een stellage van zwaar ijzerwerk, ongeveer 2.5 meter hoog en met een lier eraan.

 

 Hier wordt het bij de jacht geschoten wild in gehangen om ontwijd en/of geslacht te worden. De "Sanglier" en de "Cerf" (wild zwijn en hert) zijn wildsoorten die hier veel bejaagd worden. PP zou hier best wel eens een paar daagjes mee op de jacht willen.

Er volgt een lange route door een dicht bos met veel oude en grote bomen. Het is er drassig en het lijkt soms ook wel moerassig. Het gras staat hoog en kietelt aan onze benen. Dan begint het te onweren en voor we de juiste beslissing genomen hebben valt de regen met bakken uit de lucht. Het duurt gelukkig maar even maar we zijn wel zeiknat. 
We komen aan in La Loge aux Chevres alwaar een drietal Gites zijn. Als we de eerste bereiken ziet het er allemaal verlaten en verwaarloosd uit. Bij de andere is eveneens niet veel leven te bekennen. Ook geen enkele faciliteit in het dorp waardoor we besluiten om verder te gaan naar La Villeneuve au Chene. Na een lange dag met veel kilometers komen we aan bij een chambre d'hote. Er blijkt nog plaats voor ons en als we binnen stappen zien we Herman aan tafel zitten met een heerlijke pot bier voor zich. Hij had hier en daar de route afgesneden en zo wat minder kilometers gelopen. We verklaren de oorlog aan de teken. Als we ons op de kamer klaar maken voor het eten ziet PP een kleine teek kruipen over zijn sok. Dan blijkt er ook weer eentje in de kuit ingegraven te zitten.

Als we vervolgens T gaan nakijken treffen we 4 teken aan in de huid van de kuiten en het bovenbeen. Ze zijn behoorlijk agressief en bij het verwijderen was goed te voelen dat de teken zich al in de huid hadden genesteld.


De chambre d'hote is in een woord geweldig. Nette kamers met alles erop en er aan. Er is ook nog een echtpaar uit Brussel te gast en samen met de familie zitten we met 8 personen aan tafel. We krijgen een zes gangen menu voor geschoteld in Franse stijl. De dochter des huizes is wat ongeduldig en verdwijnt tussen de gangen door telkens naar boven. Als moeder bij het opdienen van het hoofdmenu een in het trappengat op een hoorn blaast, komt de dochter rap naar beneden en schuift weer aan. Moeders legt uit dat ze dit zo altijd doet in plaats van schreeuwen. Doet ons denken aan de film van de Von Trapp's....... Ideetje misschien? Herman blijkt goed Frans te spreken en samen met de rest wordt het een gezellige tafelavond. Rond kwart na 22 is het gedaan met het tafelen en gaan we met een volle maag lekker plat.




Reacties

Commentaar
Jouw naam/bijnaam
Website url
E-mail
Hou mij op de hoogte
Ik wil op de hoogte gehouden worden
Vul deze captcha in
Dit is een verplicht veld