50. De eerste zwijnen.

11 juni 2011

Tonnerre-Chablis: 18 km.

dag 42, totaal: 863 km.

 

 

 

Wat kan het leven toch mooi zijn hier in Frankrijk. We hebben de Champagne verlaten en zijn de Bourgogne binnen gelopen en nu op weg naar Chablis alwaar we onze overnachting gepland hebben.Vandaag is Maarten jarig, de vriend van dochter Lotte. We hebben een filmpje gestuurd maar dat blijkt helaas niet doorgekomen te zijn. We bellen hem ook nog even, Maarten gefeliciteerd, we vatten er hier inne of meer op, proost!

Ruim na 8 uur vertrekken we en we deponeren de sleutel in de brievenbus van de "presbytere" (soort koster). We pikken de route weer op voor Fosse Dionne, een spectaculaire onderaardse bron die naast het gelijknamige gerestaureerde boerderij ligt waar we gisteravond wat gedronken hebben. De bron komt daar boven de grond in een soort van ronde vijver. Het water is kristalhelder en het gat waaruit het water uit de grond komt is onder het wateroppervlak duidelijk te zien. Een echte beauty. Voor we verder klimmen ploppen we nog even een bericht op de reislog. De route heeft gelijk al een behoorlijke klim voor ons in petto en stuurt ons via de mooie kerk van St. Pierre, die hoog op een heuvel prijkt, naar het hoogste punt. Van daaruit hebben we een prachtig uitzicht op de oude stad Tonnerre die ons toch een klein beetje een vervallen indruk heeft gegeven.

 

We lopen de hoogvlakte op en het kiezelpad voert ons door het dichte bos van Garenne. Aan het eind van het bos zien we voor het eerst de "sanglier" (wild zwijn) weliswaar in gevangenschap. We komen namelijk bij boerderij Chavant waar ruim 3 hectare bos is afgezet en waar in totaal 120 wilde zwijnen rond lopen, 3 keilers, 32 vrouwtjes en de rest allemaal biggen. Ze worden hier gefokt en zijn allemaal bestemd voor de jacht omdat er in dit gebied weinig wilde zwijnen voorkomen. Dit alles vernemen we van de zwijnenboer als we vragen of we foto's mogen maken. Hij haalt wat voer uit zijn auto en lokt ze voor ons aan de gaas. Een interessant verhaal maar toch ook wat teleurstellend te weten dat het gefokt wild is wat uitgezet gaat worden. Het werkt hier dus niet anders dan bij ons in Holland. Gelukkig zien we bijna dagelijks reeën en herten in het wild want die laten zich niet makkelijk fokken voor de jacht.

We zijn op tijd in het kleine plaatsje Chablis waar we direct bij binnenkomst doorlopen naar het Office de Tourisme. We vragen naar een pelgrimsovernachting en worden doorverwezen naar Madame Fantin die pelgrims opvangt. De jongeman tekent de route netjes op het plattegrond en nee, reserveren is niet nodig volgens hem. Dus lopen we aan op weg naar Madame Fantin. Het is toch nog even zoeken maar uiteindelijk komen we op het juist adres aan. We moeten een gang door en komen op een binnenplaats waar de was buiten hangt (allemaal grote witte onderbroeken en hemden). We vinden de deur naar Madame. Een oude en een iets jongere dame geven de hand en stellen zich voor. Ze vertellen dat er al een pelgrim in de kamer verblijft en alleen als hij geen bezwaar heeft kunnen we bij hem op de kamer. Dan gaat het raam open en staat Armin, onze Duitse pelgrim ons hartelijk toe te zwaaien. Hij was ons al weer 2 uur voor. Hij heeft geen bezwaar met 2 kamergenoten extra en vindt het zichtbaar leuk ons weer te treffen.

 

  

De kamer blijkt er eentje van het niveau "antiek" met 3 krakende metalen bedden. Madame vertelt ons direct dat de prijs van 15 euro p.p. is. Op onze vraag naar het "petit dejeuner" (ontbijt) verwijst ze ons naar de "Epicerie" (kruidenierswinkeltje) op de hoek. Ook zegt ze dat we in de keuken ons diner kunnen klaarmaken. Een kijkje in de keuken leert ons al gauw dat we het niet te nauw moeten nemen met de hygiëne want erg fris ziet het er allemaal niet uit.

Als Madame vervolgens met een stempel komt voor in het credential wil ze gelijk geld zien en zegt dat de bijdrage voor gebruik van stroom en water is. Geen schoon beddengoed, een smerig onderkomen in alle opzichten en geen enkel stukje eten..... Het lijkt madam alleen maar te doen om het geld en niet om het lot van pelgrims. Gedrieën gaan we boodschappen doen en halen rijst met gemengde groenten en tonijn. Als dessert stokbrood met kaas. We wassen van te voren de borden en het bestek goed af en bereiden samen ons eten met een heerlijk glaasje wijn erbij. Ondanks alle ongemakken in dit krakkemikkige onderkomen wordt het toch nog een gezellige avond. 

 

Voor we gaan slapen wordt de rug van PP nog even ingesmeerd met medicinale gel tegen spier en gewichtspijnen, die Armin in zijn medicijntasje heeft. PP denkt dat hij een kou gevat heeft op de rug onder het schouderblad. Ook heeft hij last van een geïrriteerde huid aan de rechterhak. Voorlopig even afplakken zodat het kan rusten. 
Wat kleine ongemakken die ons niet weerhouden van een goede nachtrust op.....3 metalen krakende bedden.

 


Reacties

51. FC Auxerre…

12 juni 2011

Chablis-Auxerre 23 km.

dag 43, totaal: 886 km.

 


 



Bij het ontbijt bakken we stukjes oud stokbrood in een koekenpan, het evenaart warempel geroosterd brood. De overgebleven kaas erop en naast een pak sinaasappelsap ook nog enkele bakjes espresso zwart. Dat is de bodem waarmee we vandaag op pad gaan. We schudden Armin de hand maar gezien zijn planning is het goed mogelijk dat we hem vanavond weer treffen. Hij geeft ons het adres van zijn hotel. Zijn route vandaag is niet de GR. Hij verkiest de harde weg. Net voor Milly zien we hem op een afstand nog lopen langs een drukke weg. Hierna begint onze klim door de wijngaarden. Het is erg mooi allemaal maar tegelijk ook weer zwaar. Veel paden van de GR brengen je weliswaar naar de mooiste viewpunten maar dat betekent telkens weer stijgen en dalen. Dat ga je op den duur goed voelen. De conditie gaat met sprongen vooruit en het totale lichamelijke gewicht neemt langzaam af maar aan dalen en stijgen wen je niet. Dat het een hoop extra tijd kost en we daardoor langere wandeldagen maken om in de buurt van ons daggemiddelde te komen moge duidelijk zijn. Per slot van rekening willen we toch het einddoel bereiken en hebben we niet eeuwig de tijd. Maar onze inspanningen geven ons veel mooie en onvergetelijke momenten terug. We krijgen de natuur op een presenteerblaadje en hebben er alle tijd voor.

 

We komen in het plaatsje Beine alwaar een "Epicerie" open blijkt te zijn op 1e pinksterdag. We bestellen stokbrood, chocolade, cake en cola, die we iets verderop gelijk pater maken. Onderweg naar Venoy komen we een kersenboomgaard tegen en vreten we ons helemaal weer vol met zwarte kersen die heerlijk zoet zijn. Goed voor de vitamientjes.

 


Vanaf Venoy zien we de stad Auxerre al liggen. Een redelijk grote stad zo lijkt het met verschillende kerken. We tellen er tenminste 5 met redelijke torens. Via het station lopen we langs de rand van de stad verder door een groot park. We steken de rivier de Yonne over en komen uiteindelijk in een buitenwijk van Auxerre waar de camping is waar wij willen overnachten. De ingang van de camping ligt recht tegenover de ingang van het voetbalstadion van Auxerre. Geen gigantisch stadion maar toch wel eentje waaraan te zien is dat Auxerre een redelijke voetbalclub is. Voldoende plek en we zetten de tent op tegenover de douches met zicht op het stadion. 

Na zessen gaan we de stad in op zoek naar de Reu de Pont alwaar het hotel is waar Armin verblijft. We treffen hem op het terras. Het hotel heeft draadloos internet en Armin schuift ons het briefje met de code toe. Onder het genot van een paar drankjes lukt het ons weer een berichtje op de reislog te plaatsen.

Samen met Armin lopen we het centrum in om nog wat te eten. Het wordt kebab en kip met frites bij de Afrikaan. Na een kort rondje door het centrum nemen we definitief afscheid van hem. Zijn pelgrimstocht eindigt in Auxerre en wij gaan door. Hij beloofd ons te zullen volgen op de reislog. Het waren een paar leuke dagen met hem.

 

Het is nog net niet donker als we terug komen op de camping. Bij een televisiezaaltje wat tevens dienst doet als minikantine

nemen we nog een afzakkertje. We bestellen ons ontbijt voor morgenvroeg  en  gaan ons tentje  opzoeken.  Dag 43 zit erop.

 




Reacties

52. 2e Pinksterdag…alles dicht

13 juni 2011

Auxerre-Accolay 24 km.

dag 44, totaal: 910 km.

 


 


 

De nacht door heeft het geregend maar gelukkig niet zo hard als het geluid van de vallende druppels op onze tent deed vermoeden. Geen water in de tent en alles nog droog. Een goed tentje zo blijkt maar weer. De overbuurman is ook al wakker en komt ons vragen of wij een bakje koffie lusten. In no-time komt hij aanlopen met koffie. Terwijl we ons boeltje aan het pakken zijn krijgen we een tweede bakkie koffie aangeboden. Van de tent schudden we zo goed als mogelijk het nat eraf maar droog is anders als we 'm in de rugzak pakken. Als we klaar zijn voor vertrek bedanken we Fred en Corry Groenen uit Luijksgestel Ze verontschuldigen zich nog omdat ze ons geen stoel aangeboden hebben. In de minikantine nemen we het ontbijt en voor we op weg gaan worden we door de beheerder nog even op de foto gezet. Hij wenst ons een "bon courage". 

      

 

De hakken van PP hebben we afgeplakt omdat de huid wat irritaties liet zien. Waarschijnlijk door het schuren van de sok tussen de hak en de schoen. Het lijkt alsof de sokken wat ruimer geworden zijn van de vele koude handwasjes. Of zou het zijn dat dat de voeten iets kleiner zijn geworden door het afvallen? Het blijft een puntje van aandacht. T heeft op dit moment nergens last van. Ze heeft een bereconditie en gaat als een speer. De broek is al iets losser gaan zitten en de witte sokjes tekenen zich fel af tegen de gebruinde benen. Dat gaat vast allemaal goed komen.  

De route gaat via Vaux naar Champs sur Yonne en vandaar uit naar Cravant. Bij binnenkomst van Cravant zien we een gebeeldhouwde gedenksteen die een eerbetoon is aan alle Franse soldaten die in 1952 in de strijd in Marokko, Algerije en Tunesië zijn omgekomen. Cravant is een klein pittoresk plaatsje waar we even uitblazen en verkoeling zoeken bij de fontein.

 

Het enige café in dit dorp is dicht en voor de rest lijkt het uitgestorven. Een zak nootjes uit onze voorraad en een paar flesjes water werken we naar binnen. Dan gaat het verder voor het laatste deel voor vandaag, naar Accolay. Als we Accolay binnen lopen via de brug over de Cure komen we gelijk in contact met een Nederlands echtpaar. Ze staan iets verderop op de camping en wijzen ons de weg. Ze weten ook te vertellen dat er vandaag niets open is en dus niets te krijgen is in het dorp i.v.m. 2e Pinksterdag. Erg vervelend want we hebben op stokbrood met sardientjes na niets meer te eten maar ook niets meer te drinken.

 

   


De tent voelt nog nat aan bij het opzetten en krijgt nu de tijd te drogen. We zetten 'm naast een houten tafel met banken zodat we makkelijk bij de tent kunnen zitten. Als alles geïnstalleerd is komt de juffrouw van de camping langs en kunnen we ter plaatse wat vruchtensap en enkele biertjes kopen. Voor de rest is er niet veel te krijgen. Iets later krijgen we een Marokkaans gebonden soepje met peperkorrels en room aangeboden van het stel dat we op de brug al hadden gesproken. Een geweldig gebaar en een heerlijke soep. Als we daarna ook het stokbrood met de sardientjes naar binnen werken en er een ijsje is te krijgen bij de receptie, valt het voor die dag gelukkig allemaal nog mee. We besluiten toch even de ronde te doen maar verder dan constateren waar we morgenvroeg terecht kunnen komen we ook niet. Op naar de camping municipal Du Moulin Jacquot waar de receptie niet geopend is en waar 3 hele caravans staan. Als we een praatje maken met een ander Nederlands echtpaar krijgen we een fles rosé aangeboden. Ze vonden het kennelijk sneu dat we helemaal niets meer hadden en wilden ons graag helpen. 

We zetten een bak koffie en nemen een neut terwijl we de rest van de avond besteden aan onze verhaaltjes voor de reislog en aan de voorbereiding voor de laatste etappe om Vezelay te bereiken, er resten nog 29 kilometers waarvan we weten dat ze zwaar gaan worden. We zien ook uit naar de rustdag in Vezelay omdat we er aan toe zijn, we voelen het overal aan.

 



Reacties

53. De eerste mijlpaal....

14 juni

Accolay-Vezelay 29 km

(dag 45, totaal 939 km)

 

 

 


Het is half 7 als de wekker gaat. Alles slaapt nog terwijl wij alles inpakken. Dat we inmiddels perfect op elkaar ingespeeld zijn blijkt wel uit het automatisme van handelen zonder gesproken woord, zonder elkaar in de weg lopen en zonder tijd te verknoeien. Om iets voor 8 staan we gepakt en gezakt en schrijven we nog even twee korte bedankbriefjes die we bij het echtpaar van de soep onder het tafelkleed schuiven en bij het echtpaar van de fles rosé in een slipper leggen. Dan lopen we aan naar het bakkertje in het dorp. We slaan ontbijt en beperkt proviand voor overdag in. Op het bankje bij de bakker werken we twee vette chocoladebroodjes naar binnen en plakken we de hak van PP af want dat waren we vergeten. 


De temperatuur is goed en de lucht bewolkt, heerlijk loopweer. Het eerste stuk lopen we via een pad door het "Bois de Regny" evenwijdig aan de rivier de Cure. Het pad loopt langsaam omhoog totdat we de Cure  wel honderd meter dieper links beneden ons zien stromen. Alleen maar bomen op een super steile helling die ons gedeeltelijk het zicht op het water ontnemen. Als het pad de daling weer ingezet heeft komen we oog in oog te staan met een reegeit. Het beest is niet schuw en geeft ons alle gelegenheid tot kijken. Dan springt het dier de stijle helling rechts van ons op en verdwijnt, denken we. Maar als we doorlopen staat de reegeit op een afstand van 10 meter en 3 meter hoger ons nieuwsgierig aan te kijken. Dan verdwijnt hij in het bos. Een paar minuten later is het weer Reintje de Vos die onze komst niet afwacht en een tijdje in het zicht van ons vandaan rent. We komen weer op gelijke hoogte met de Cure en we zien een bonte specht voor ons uit wegvliegen. Dan buigt de Cure naar links terwijl ons pad rechtdoor gaat. Op dit punt is het dat er ineens een klein vogeltje vol gas langs de oever van de Cure vliegt. Hij valt onmiddellijk op door zijn diepe heldere ijsblauwe kleur. Het is een ijsvogel, het eerste exemplaar dat we op onze tocht zien.
In Arcy sur Cure lopen we weer een "epicerie" binnen en kopen we 2 blikjes cola, 2 peren en 1 blok chocolade. Dit alles smikkelen we lekker op zittend in het gras aan de oever van de Cure, in de stille hoop de ijsvogel nogmaals te spotten. We zien een merel, een vink en een kwikstaartje aan de waterkant maar niet wat we hopen te zien.

Het gaat verder en we lopen het gehucht Herodats binnen. Zeg maar door want er staan niet meer dan 4 huizen. Bij het laatst huis komt er een man van middelbare leeftijd naar buiten gelopen die vraagt gelijk of we koffie willen. We staan perplex maar zeggen gelijk ja omdat we hard aan een pauze toe zijn. Hij biedt ons een zit aan onder de kastanjeboom en komt even later met koffie en petit Madeleines (cakejes met chocolade). Gelijk ook komt hij met een bakje kersen en water om ze in te wassen. Hij praat volop en uit zijn verhaal maken wij op dat hij veel pelgrims op deze manier  ontvangt. De meeste zijn Nederlanders en dat hij daar op ingesteld is blijkt uit een heel groot en dik Frans-Nederlands woordenboek dat op tafel komt. Ook een echt gastenboek waarin wij mogen schrijven. Hij vertelde amateurwielrenner geweest te zijn en getraind te hebben met Merkx en Thevenet. De laatste twee zijn echter doorgegaan als prof terwijl hij is blijven steken. Dan komt de zelf gebrouwen perenlikeur op tafel waarvan hij een beetje in onze lege koffiekop schudt. Hij drenkt daarin een suikerklontje wat hij op een lepel aanbiedt. Waauw wat een sterk spul maar....wel lekker. Hij heet Mrs. Pinois en als we weer opstappen loopt hij een stukje met ons mee tot het punt dat de Basilique van Vezelay zich in de verte volledig toont op de top van een heuvel. Nog 6 km en 2 uur te gaan zegt Mrs. Pinois en we danken hem voor zijn gastvrijheid. Met de Basilique in zicht naderen we Vezelay. Maar we zien ook dat ons nog een behoorlijke klim te wachten staat. Het venijn zit ' m weer in de staart. Voorbij Asquins begint de echte klim naar Vezelay over een lang kiezelpad. Doodop en kei kapot komen we aan bij de zijgevel van de Basilique Sainte Marie Madeleine in Vezelay, onze eerste mijlpaal in de route. 

 

  


Als we weer op adem gekomen zijn melden we ons bij de Office de Tourisme ruim 500 meter verder naar beneden. Kort daarvoor het bureau de poste die nog maar even open is. We besluiten eerst dan maar de Poste Restante op te halen ofwel het pakketje wat we verwachten. Als we vragen naar de post en ons legitimeren, blijken en maar liefst 4 pakketjes en een enveloppe voor ons klaar te staan. Verbaasd en verrast nemen we de pakketjes mee die we amper kunnen dragen in twee plastic tassen. Bij de Office de Tourisme een onvriendelijke dame die ons wijst op de presbytere naast de Basilique voor onze overnachting. We moeten snel wezen want die sluit over 15 minuten. Vol gas en met alle pakketjes weer 500 meter lopen en alleen maar omhoog. Met de tong op de schoenen en de rug  zeik nat komen we op de valreep bij de presbytere. We krijgen een flink glas water om bij te komen en worden ingeschreven voor de nacht in maison Bethanie. Maar dan wacht ons een teleurstelling, PP moet bij de heren slapen en T bij de vrouwen. Als we hem verwonderd aankijken en PP roep dat T zijn "epouse" is, kijkt hij ons bedenkelijk aan en wil men voor een keer een uitzondering maken omdat het op dit moment niet druk is met de pelgrims. Dan vraagt hij T naar de doopnamen van PP en staat T met de mond vol tanden. Gelukkig worden we niet uit elkaar gehaald. 

 

  


Maison Bethanie ligt 800 meter verder onder aan de rand van Vezelay en met onze pakketjes dalen we weer af. Kamer 23 is voor ons en na een heerlijke douche en schone kleren is al het leed weer geleden. We gaan op zoek naar eten, drinken, en Wi-Fi. Bij hotel-bar Compostela kunnen we alleen maar drinken en krijgen we na tekst en uitleg een ticket voor 7 dagen Wi-Fi van de vriendelijke en meedenkende hoteleigenaar. Hij legt ons daarnaar gevraagd precies uit waarom het in Frankrijk zo moeilijk is om een vrij netwerk te vinden. We zullen daarom vaker een hotel moeten bezoeken. Als we de eerste berichten verzonden hebben gaan gaan we op zoek naar eten. Het wordt steak vanavond. Na het eten nemen we nog een afzakkertje op de kamer waarna we moe maar voldaan te bed gaan. De pakketjes en de enveloppe hebben we voor het slapen gaan uit nieuwsgierigheid natuurlijk nog geopend. Veel onverwachte hartelijkheid maar daarover morgen meer.





Reacties

54. De postpakketjes…

15 juni 2011

rustdag Vezelay

dag 46, totaal: 939 km.

 


 

Rustdag in Vezelay, we waren er aan toe, we hadden het echt nodig. Het bereiken van Vezelay en de ontvangst van de pakketjes en enveloppe waren voor ons de hoogtepunten. Allereerst het pakketje van Paul en Jeanneke waarin de haarverf en medicijnen voor de volgende 4 weken van T en de nieuwe routebeschrijving met kaarten tot aan Le Puy en Velay. Daarbij nog wat kleine benodigdheden en een heel lieve brief van P&J. Het 2e pakketje van Rens en Maria die ons een hart onder de riem steken en PP feliciteren met zijn verjaardag. Het pakketje bevat een heus klein feestje, witte en rode wijn, olijven en noten.

We hebben de verjaardag nog maar eens over gevierd, geweldig. Het 3e pakketje van zus Mieke en Martin die zich kennelijk zorgen maken over ons afvallen en wat nog niet al meer. Het pakketje bevat drop, salmiak, een dubbel noodrantsoen maar vooral veel doekjes voor dagelijkse intieme verzorging. Daarbij nog een persoonlijk en met de hand geschreven brief in het rood waarbij we een traantje wegpinken. Wat een fijn gevoel op zo'n grote afstand.

Het 4e pakketje is van Peter van Gaal van de duikvereniging die een flinke zak drop stuurt en een mini-uitgave van het clubblad van de duikvereniging. Daarin lezen we de laatste clubberichtjes en ook de bladzijde die aan onze wandeltocht is gewijd. Hartstikke leuk. De enveloppe bevat een kaart met hartelijke lieve woorden en de verjaardagsfelicitatie voor PP van de collega's bijzondere wetten uit Uden. Fantastisch allemaal. De pakketjes geven voor de eerst komende dagen wel wat extra gewicht maar dat hebben we er graag voor over. Bovendien hebben we ons al een dag ongans aan de drop gegeten, dus dat scheelt weer.

We slapen de 1e nacht goed bij de Bethanie. De bedden zijn o.k. en lekkere kussens met een schone sloop. Klinkt als normaal maar onderweg maken we maar al te vaak anders mee. Niet voor niets dat we lakenzakken mee genomen hebben. Frans Kruter had ons geadviseerd om bij de nonnen naast de Basilique te gaan overnachten maar die mogelijkheid was er dit jaar niet in verband met verbouwingen. 

We slapen eerst uit en besluiten dan wat tijd te besteden aan onze uiterlijke verzorging. De kleurspoeling van T gaat er op en hier en daar wordt wat overtollig haar weggehaald. Ook bij PP wordt wat overtollig haar verwijderd. De voeten
krijgen allemaal extra aandacht en de nageltjes worden gekortwiekt. Ze zien er goed uit, de voeten ondanks dat ze zo zwaar belast zijn tot nu toe. 

Als we klaar zijn gaan we ontbijten bij het bakkertje in Vezelay. Onderweg daar naar toe passeren we enkele marktkraampjes waar we gerookt vlees en kaassoorten uit deze streek proeven. We doen ook nog even een pakketje met overtollige goederen op de post. Dan wordt het tijd om wat cultuur te gaan snuiven en het stadje te gaan bekijken. We lopen omhoog en bezoeken de Basilique Sainte Marie Madeleine waar we midden in de mis terecht komen. Er wordt volop gezongen door de paters en de nonnen en het gezang klinkt mede door akoestiek van de kerk mooi en zuiver. We kregen er kippenvel van. In de gebedsruimte in de kelder onder het altaar de relikwieën van Marie Madaleine achter slot en grendel. Geen foto's maken stond erbij maar dat geldt niet voor pelgrims !?! In de ronding achter het altaar treffen we Saint Jacques. Een mooie strakke basiliek zonder al te veel poespas en tierelantijntjes.

 

 

            

In het park achter de basiliek schitterende vergezichten. Op een 360 graden informatiesteen zien we welke plaatsen waar liggen en welke richting wij morgen moeten gaan. Gezien de te nemen heuvels belooft het een zware dag te gaan worden. We zien nog een paar oude gebouwen en enkele binnenterrasjes. Het barst er van de kunstgalerijen waar wij niet zo in geïnteresseerd zijn. Verder wat leuke winkeltjes en.... dichte terrasjes in de vroege middag. Een echt toeristisch stadje waar de dame van de Office de Tourisme slechte punten scoort qua vriendelijkheid en behulpzaamheid. En wij spreken namens meerdere klanten.
Precies halverwege de middag begeven we ons naar bar Compostela alwaar we onder het genot van......onze reislog bijwerken en al onze filmpjes uploaden naar You-tube. De zon schijnt lekker, heerlijk terrasweer.


Laat in de middag nog even een schoonheidsslaapje waarna we aanschuiven bij het restaurantje schuin tegenover ons nachtverblijf. Het is voor het eerst dat we in een restaurant veel en lekker voor weinig geld krijgen. Een gemoedelijk restaurantje waar we ontdekken dat Wi-Fi hier werkt.

Rond 23 uur scheiden we eruit met de toerist uithangen en zoeken we ons matrasje op.

 




Reacties

55. Refuge Bahia

16 juni 2011

Vezelay-Chastellux sur Cure: 21 km.

dag 47, totaal: 960 km.

 


 

Uiteindelijk is het gelukt om de filmpjes die we tot heden gemaakt hebben in het album te plaatsen. Waar ze gemaakt zijn en wanneer krijgen we nog niet juist vermeld. De trouwe volgers weten de filmpjes wel te plaatsen. We hopen dat jullie het leuk vinden om ze te bekijken. We zullen ons best doen om er nog meer te maken. 

Bij vertrek uit Vezelay vanmorgen een regenbui die de hele voormiddag zal gaan duren. De regenjassen doen we aan en we beginnen te lopen met een nieuw routeboekje zonder kaart erbij. We hebben wel een grote overzichtskaart maar die is met regenweer moeilijk te hanteren. Nog een klein stukje GR654 tot Saint-Pere waarna de GR13 het overneemt. Het zijn de zelfde aanwijzingen met alleen een ander getal. De GR13 wijst ons verder de weg naar het zuiden door het regionaal natuurpark de Morvan waar we vandaag in terecht zijn gekomen en waar we de komende dagen nog veel van zullen zien. De natuur toont zich hier anders. Waren het boven Vezelay nog de uitgestrekte akkervelden en wijngaarden, nu zien we veel ruig bos en weilanden die duidelijk middels afbakening door brede heggen van elkaar gescheiden zijn. Veel stromende beekjes, riviertjes en meren die samen een geheel vormen. Grillige lijnen en paden de alleen maar omhoog of naar beneden lopen. Dat hier regelmatig veel water naar beneden komt zien we aan de uitgehoolde bospaden. Het lijkt alsof we door droge sloten lopen. Oerbos van de eerste klasse en niet zoals ze dat in de buurt van Schaijk proberen na te bootsen. Hier en daar granietrotsen die het plaatje voor de eerste dag compleet maakt. Moeilijk te formulieren maar gewoon een mooi gebied met zijn eigen specifieke natuurvormen. We zien we een heel andere vorm van vee houden wat ons overigens ook in het noorden van Frankrijk al opviel.

 

   

De koeien lopen hier met hun kalfjes nog vrij rond in de weiden. Ze worden niet meteen gescheiden. Er loopt meestal ook een stier bij. Een complete familie bij elkaar. Geen wonder dat het net lijkt of de koeien hier vrolijker en opgewekter zijn. Bij ons zie je alleen nog maar intensieve veeteelt. Een lust voor het oog met vele momenten die leuk zijn om vast te leggen. 

Vandaag veel langs de rivier de Cure gelopen. Dat er vis zit blijkt wel uit de vliegvissers de we regelmatig goede stekjes zien zoeken. Door het vochtige weer zijn de slakken actief. Vele tuinwegslakken, zwarte wegslakken en wijngaardslakken bevolken de paden en trekken flinke slijmsporen. Het lukt ons niet altijd de slakken te ontwijken en dus gaat er wel eens eentje helemaal plat. Sierlijk zoals ze zich voortbewegen. 
We zijn dik en dubbel toe aan een pauze met versnapering na al het stijgen en dalen maar ons boekje geeft pas in Saint André en Morvan een café aan. We zijn dan al 17,5 km onderweg. Als we uiteindelijk in het dorp aankomen en een parasol met enkele plastic stoelen zien staan bij een oud huis waar op een bord in vervallen staat nog amper café en tabac te lezen valt, hebben we onze bedenkingen.

 

Bij gebrek aan beter lopen we naar de openstaande deur en lijkt het alsof we de keuken van een woning binnen komen. Een oud knorrig manneke op leeftijd komt schuifelend aangelopen en bevestigt onze vraag of dat dit inderdaad een café is. We bestellen allebei een Coca-cola en nemen plaats aan de grote keukentafel. De ruimte heeft allerminst iets weg van een kroeg, een dressoir met een grote keukentafel zijn de enige meubelstukken. We kijken rond in de ruimte en knipogen naar elkaar. Dit was wel een heel ander café als wat we voor ogen hadden. De (bar)man bleef tegen het dressoir aanhangen waar de hagelpatronen los op lagen.

We bekeken hem eens goed en kregen allebei de indruk dat hij of zwaar dronken, of zwaar ziek moest zijn. Hij maakte in ieder geval een allerminst gezonde en frisse indruk op ons. Met zijn uitpuilende bloeddoorlopen ogen en smoezelige mondhoeken was het maar goed dat de cola in flesjes zat. Wel maakte hij een praatje met ons en gaf hij antwoord op onze vragen over de jacht in dit gebied. T moest eigenlijk naar de wc maar besloot gezien de inrichting en alles wat ze zover kon bekijken in huis dat ze maar beter hurkend in het bos kon gaan zitten.

 

  

We hebben dan nog een kilometer of 3 te gaan naar de Refugio Bahia van de Nederlanders Paul en Hanneke Lanfermeijer die we bij uitzondering al eerder besproken hebben. Dit adres hebben we al enige maanden geleden via internet gevonden toen we op zoek waren naar overnachtingsmogelijkheden in deze streek. We werden verwacht hier in Rue de Perrin in Chastellux sur Cure.
Na enig zoeken hadden we het adres gevonden. Paul stond in de tuin en verwelkomde ons hartelijk. Hij brengt ons naar de refugio aan huis, die er erg gezellig en schoon uit ziet. Even later komt Hanneke kennismaken en zet een stempel in ons credential. Om 19.00 uur schuiven we aan bij de familie Lanfermeijer waar Paul de kok blijkt te zijn. Ook dochter Lianne uit Nederland is over. Een heerlijk uiensoepje krijgen we geserveerd. Daarna een lekkere pasta met kaas en salade. En als toetje een door dochter Lianne zelf gemaakte chocoladetaart met slagroom. Koffie met likeur na, wat dit pelgrimsmaal helemaal af maakt. Wijn werd ook rijkelijk geschonken en we kunnen alleen maar vaststellen dat we het niet beter hadden kunnen treffen. Voor hen die nog gaan pelgrimeren een echte aanrader. Paul en Hanneke hebben samen ook de camino gelopen en grote delen van de route in Frankrijk. Leuk was te vernemen dat zei in Herodats net voor Vezelay de zelfde ervaring hebben gehad met Mrs. Pinois.

 

De refugio Bahia ligt nagenoeg aan GR13 en 21 kilometertjes na Vezelay. In Chastellux sur Cure doorlopen tot in Reu de Perrin en de stickers op de paal van de verkeersborden volgen, dan komt alles goed.

 



Reacties

56. Een stormachtige nacht…

17 juni 2011

Chatellux sur Cure-Dun les Places: 24 km.

dag 48, totaal: 984.

 

Als T haar benen insmeert voor de dag-etappe blijkt er weer een zwart puntje onder aan haar kuit te zitten die we voor het naar bed gaan over het hoofd gezien hebben. Teek 9 heeft zich gelukkig nog niet diep ingevreten en wordt verwijderd. 

Tijdens het ontbijt met Paul en Hanneke, staat er echte hagelslag en pindakaas op tafel (mmmm... jammie, jammie). We maken nog een paar foto's en nemen afscheid. Paul loop een stukje met ons mee om ons weer op de route te zetten en hond Bo gaat gezellig mee. We zijn direct weer onder de indruk van de schoonheid van de natuur hier in de Morvan. Omdat we hoog zitten kijken we neer op de vele groene bomen die een prachtig en kleurrijk vergezicht blijven geven. 

 

  
We lopen naar Marigny-l'Eglise en komen daarna in een dicht bos bij een oude watermolen. Daar steken we over een smal en glad bruggetje de Cure over. We lopen door naar La Chaume aux Renards waar we een beoordelingsfout maken en een vaal gele streep in de markering voor wit aanzien. We maken een steile klim en zien de markeringen van de GR13 niet meer. Voor we er erg in hebben dat we mis zitten zijn we al 15 minuten aan het klimmen. Terug bij het begin zien we wat we fout gedaan hebben en zijn we wel weer 30 minuten verder.De rug van PP is vandaag behoorlijk aan het zeuren. Pijn bij de onderste ribben wat door de oneffen paden in combinatie met het gewicht van de rugzak telkens op komt. We bespreken de inhoud van de rugzak en komen eindelijk tot de conclusie dat we de grote tube tandpasta en al het reservevoedsel moeten dumpen. De extra smeerseltjes moeten opgesmeerd worden. Hanneke had het al gezegd gisteravond maar wij zijn nog van de niets-weg-gooi-generatie want dat vinden we sund. Maar de signalen zijn duidelijk, te zwaar beladen maar ook een stevige kou gepakt op de rug. Dat het niet lekker zit blijkt wel uit het feit dat de eerste paracetamol wordt geslikt.

 

      

De route gaat verder met een stevige klim door het bos alwaar we verschillende beekjes passeren en uiteindelijk uitkomen bij Le Vieux Dun. Op een t-splitsing zien we twee wandelaars van rechts omhoog komen lopen. Ze zien er verdacht Hollands uit en na een goeiendag worden we in het Nederlands aangesproken. We maken kennis met Harrie en Eline Kuppens uit Oosterhout. Zij houden hier een wandelvakantie en verblijven in de buurt in een hotel. We lopen een eind met elkaar op en als onze wegen scheiden worden we op de foto gezet.

 

Bij Pont Du Montal komen we in the middle of nowhere uit bij een simpel gelijkvloers hotelletje. Als we op het terras wat te drinken bestellen blijkt de eigenaar ook een Nederlander. Dan zien we Harrie en Eline aan komen lopen die hun onderkomen in dit hotelletje hebben. We krijgen wat aangeboden en wisselen nog wat gegevens uit omdat Harrie ons vraagt om speciale reden een kaarsje te willen aansteken als we in Santiago de Compostela arriveren. Dan wordt het tijd voor de laatste klim naar de boswachterij van Breuil, een gite d'Etape die druk bezocht wordt en altijd open is volgens ons boekje.

 

 

Nog 2,5 kilometer te gaan en de klim gaan over een soort van afdalingscircuit voor mountainbikes. Veel bomen die gemarkeerd zijn en zelfs bordjes die blauwe en zwarte afdalingen aangeven. Gekkenwerk lijkt het want het is gewoon stijl omhoog en we doen ruim 30 minuten over de 1e kilometer. Daarna gelukkig wat vlakker waarna we midden in het bos op het hoogste punt in dit gedeelte van de Morvan (612m) bij de gite aankomen. Het is even na zessen en er brandt geen licht. Er is geen activiteit waar te nemen en alles is gesloten.....!? T laat even haar emoties gaan maar herpakt zich gelukkig weer. We bellen het telefoonnummer van de gite wat Paul gisteren nog even voor de zekerheid in ons boekje heeft geschreven en we krijgen iemand aan de lijn die zegt eraan te komen. Een kwartier later staan we binnen en blijken we de enige gasten in de gite. Er is geen eten en drinken te krijgen maar de eigenaar wil ons wel even naar het dorp rijden voor wat boodschappen. Weer een uur later zitten we moederziel alleen en helemaal afgelegen in de gite die twee slaapzalen heeft van ieder 19 bedden. We zitten in ieder geval droog en eten de risotto van Mieke&Martin aangevuld met blikboontjes en chocotoetjes. Daarna nog een paar glaasjes wijn en een chocoladeflik als borrelhap. Oud stokbrood gesopt in rode wijn blijkt weer te eten en doet een beetje Frans aan. Buiten is pikdonker en raast de wind flink door het bos. Het is stormachtig weer al we naar bed gaan. Om T gerust te stellen neemt PP de wandelstokken mee naar boven en plaatst ze binnen grijpafstand langs het bed. We horen van alles buiten en T slaapt maar licht die nacht.

 


Reacties

57. Lac des Settons

18 juni 2011

Dun les Places-Chevigny: 18 km.

dag 49, totaal: 1002 km.

 

Als de wekker gaat blijkt dat PP het behoorlijk in zijn rug heeft. Hij twijfelt of hij de zware rugzak wel op kan en besluit om de eerste diclofinac te nemen, wat voor hem een laatste redmiddel is op rugpijngebied. We zien wel waar het schip strand en wat niet gaat dat gaat niet. De rechter schoen zelf strikken gaat nog net maar voor links moet T komen helpen. Nee, lekker zit het niet maar we beginnen rustig aan. Voordat we vertrekken wordt er ook nog een klein blaartje (de 1e bij PP) op de linker hak doorgeprikt en afgeplakt. Dan stappen we naar buiten en lopen aan.

 

   

 

Vandaag naar Lac des Settons, een stuwmeer dat tussen 1848 en 1858 is aangelegd. De stuwdijk is 20 m. hoog en 267 m. lang. Het ligt 580 m. boven zeeniveau en het diepste punt is 18 m. Het meer wordt gevoed door de rivier de Cure. Dat zijn wetenswaardigheden die we jullie niet willen onthouden. Helaas geen duiklocatie getroffen want de verleiding zo langs het water is groot en..... PP heeft zijn duikbrevetje bij. 
Wat ons de laatste weken van de reis opvalt is dat we op veel overnachtingadressen de naam van Illona den Ouden uit Gouda tegenkomen. We zien haar naam telkens in het "livre d'or" (gastenboek) staan. Zij is ook als pelgrim onderweg en we weten ondertussen dat ze 31 jaar oud is en alleen loopt. Ze ligt ons vanaf Vezelay een dag voor. We zouden haar graag willen inlopen om kennis met haar te maken. Maar dat valt niet mee in dit ruige gebied. Het aparte van deze wetenschap is dat wij wel weten van haar bestaan en reisschema, maar zij waarschijnlijk geen weet heeft van ons. Ze is in ieder geval onderweg naar Compostela en misschien treffen we haar nog...!

 

              

 

Tijdens het lopen houdt de rug van PP zich redelijk. Het pilletje werkt maar we besluiten verder te gaan over de harde weg in plaats van de GR.

We komen via de noordzijde aan het Lac des Settons en besluiten bij het eerste restaurant naar binnen te gaan. We zijn toe aan een behoorlijke hap en bestellen een steak. We krijgen niet precies wat we hadden gewenst maar het smaakt en het vult. Tijdens dit eten begint het te stormen buiten en zien we de stoelen over het terras waaien. Een geluk dat we binnen zitten. Als de storm is gaan liggen lopen we via een pad langs de westkant van het meer naar Chevigny. Daar de eerst volgende gite nog 10 km lopen is, kiezen we ervoor om hier te stoppen. We hebben de keus uit een hotelletje en een camping waar ze ook kamers hebben. De camping ziet er verlaten uit en het winkeltje op de camping staat leeg. Geen eten dus. De eigenaar geeft aan dat er goed weer wordt verwacht en dat we rustig onze tent op kunnen zetten. Maar de lucht en de wind doen ons anders vermoeden en we laten de camping voor wat het is. 

 

 

We stappen bij het het hotel "Le Rendez-Vous des Pecheurs" naar binnen, een klein knus hotel met direct uitzicht op het Lac des Settons. De eigenaar is ons zeer behulpzaam en we krijgen een hoop informatie en telefoonnummers van gites op onze route. Het ziet er echter niet zo goed uit want de gites die nog open zijn, zijn op een hand te tellen en op afstanden die net niet te halen zijn op een dag. 

 

Na een paar drankjes en een uitgebreide maaltijd realiseren we ons, terwijl we een formidabel uitzicht op het Lac hebben, wat deze reis allemaal teweeg brengt. We zijn vrij van zorgen en behoorlijk onthaast. Met nieuws zijn we niet bezig en televisie zien we niet. We hebben geen radio en de laatste krant is zeven weken geleden. En als we onszelf de vraag stellen of we het allemaal missen dan constateren we dat we het helemaal niet missen. Veel van wat je denkt nodig te hebben, heb je compleet niet nodig. Lopen, eten, slapen en aandacht voor elkaar zijn de dingen waar wij mee bezig zijn. Het verveelt geen moment en met de natuur als decor op de achtergrond genieten we elke dag weer opnieuw.

Als we naar bed gaan horen we hoe hard het buiten regent en waait en zijn we blij dat we ons tentje niet opgezet hebben...

 



Reacties

58. Le Pinot Noir

19 juni 2011

Chevigny-Anost: 17 km.

dag 50, totaal: 1019 km.

 

Als we vertrekken in Chevigny kijkt de lucht erg donker en waait het stevig. Het is fris en het ziet er naar uit dat we het niet droog houden. De regenhoezen zitten al over de rugzakken en de regenjacks hebben we aan. Omdat het modderig en glad is wijken we af van de GR13 en nemen we een andere route. We missen echter een afslag waardoor we uiteindelijk enkele kilometers in de verkeerde richting lopen. We komen uit op de weg D37 kort voor Planchez en we zien op een bord langs de weg dat daar een vrije WiFi-zone is. We besluiten om dit plaatsje aan te doen voor wat boodschappen, een pauze en wat berichtjes te plaatsen. In ieder geval niet voor niets verkeerd gelopen.

 

   

 

Twee buien vroeg in de ochtend en daarna droog. De zon laat zich regelmatig zien. Veel vingerhoedskruid in de bloei en velden vol margrieten. Op een onverhard pad in een plas ligt een jonge groene kikker. Hij is niet bang van ons en laat zich zelfs van dichtbij op de foto zetten. 

 

In het "Foret d'Anost" komen we bij de afrastering van een zwijnenpark. Of ze nog wild zijn weten we niet want hier bij de gaas zit er niet een. Maar we vermoeden dat ze ook in dit gedeelte van Frankrijk weinig voorkomen in het wild. Zwijnen zijn echte bodemwroeters. De laatste keer dat we ze gespeurd hebben in het wild was in het zuiden van België. 

   

We lopen het plaatsje Anost binnen en boeken hier in de gite Fortin omdat we geen contact kunnen krijgen met de gite 5 km verder in Athez en het onzeker is of we daar eten hebben. Ook een onbeveiligd netwerkje naast deze gite komt als geroepen. De Gite is redelijk en we zijn alleen vanavond. 

                 

 

Als T ‘s avonds op pad gaat om wat boodschappen en een flesje wijn te kopen, komt ze echter van een kouwe kermis thuis. Het is zondag en er is helemaal niets open. Een willekeurige jonge vrouw van een jaar of 35 vraagt ze of er in de buurt überhaupt nog iets te krijgen is? Als de vrouw ontkennend antwoord maar vraagt waaraan T gebrek heeft, zegt T met enige schaamte dat ze gebrek heeft aan flesje wijn. "Ah" zegt de franse vrouw, "pour le diner" en T antwoord direct met "oui". Dan zegt de vrouw dat ze thuis nog wel wat heeft staan en of het de rode of de witte moet zijn?
Met nog meer schaamte vraagt T naar een fles van allebei de kleuren. De vrouw vraagt T over 20 minuten terug te komen omdat ze voor de wijn even naar huis moet. T zegt er te zullen zijn.
Als T wat later op het bankje voor de kerk zit te wachten gebeurt er iets waarvan ze enigszins onder de indruk raakt. De vrouw komt aanrijden en een klein mooi meisje van een jaar of 12 stapt uit de auto. Ze komt op T af, geeft haar op beide wangen een kus en overhandigt een fles rode en een fles witte wijn. Overdonderd staat T op om aan de moeder te vragen wat de kosten zijn? Ze zegt dit niet te weten en als T geld geeft en vraagt of het voldoende is, knikt ze bevestigend. T bedankt haar en beiden rijden weer weg...

Voor het avonddiner moeten we plaatsnemen in de plaatselijke pizzeria die van dezelfde eigenaar blijkt te zijn als het hotel, de gite, de bar en het restaurant wat wegens werkzaamheden gesloten is. Als we in de pizzabar binnenkomen zien we direct het Canadese stel zitten die we de afgelopen dagen onderweg meerdere keren zijn tegen gekomen. Ook zij kregen het diner geserveerd in de pizzeria. Ze groeten ons vriendelijk en vragen of we zin hebben om bij hen aan tafel te komen zitten. Gezamenlijk nuttigen we de maaltijd en er komt een fles wijn, een heuse Pinot Noir uit de Bourgogne op tafel.Het zijn Simon en Melanie uit Canada, beiden leraar sociologie.

 

Ze maken een 2 maanden durende wandelvakantie door Frankrijk en zijn afgelopen donderdag gestart in Vezelay en gaan dezelfde weg tot ongeveer 100 km voor Saint Jean Pied de Port. Ze lopen een gearrangeerde reis van hotel naar hotel.
Alles is al geboekt en ook het eten is inbegrepen. Hun bagage wordt dagelijks vervoerd en zij lopen met een dagrugzakje een etappe van ongeveer 20 km. Het zit er dik in dat we hen nog vaker zullen zien. Als de 2e fles Pinot Noir op is nemen we afscheid en gaat ieder zijn weg. Opmerkelijk vonden we dat de druivensoort tevens de naam was van deze Bourgognewijn, "Pinot Noir".

 

Dat klompen maken niet alleen een Nederlandse aangelegenheid is, blijkt als we op 18 juni nog voor het bereiken van het Lac des Settons op enig moment door het gehucht Metz-Garnier lopen. Een klompenmakerij waar klompen gemaakt worden van berkenhout. Er is ook een museum(pje) bij en een souvenirwinkel die op dit gebied dezelfde soorten souvenirs verkoopt als je treft in Nederlandse winkeltjes. Dat verwacht je toch niet hier in de Morvan.

 



Reacties

59. De reus geveld…

onvrijwillige rustdag Anost

20 juni 2011

dag 51, totaal: 1019 km.

 

Voor het ontbijt moeten we ons melden in het hotel links de straat uit. Maar de rug van PP werkt niet echt mee. Een hete douche geeft verlichting voor korte duur. De schoenen worden door T gestrikt maar het bukken gaat niet. Weer een diclofinac naar binnen en op naar het ontbijt. De stoel in het hotel zit niet makkelijk en uiteindelijk breekt het zweet uit en kan hij amper uit de stoel komen. We komen zo niet verder en moeten er een onvrijwillige rustdag van maken in hoop op verbetering. PP gaat plat met een warme kruik en T gaat op ontdekkingstocht in Anost. De "epicerie" is voor de middag open en de "pharmacie" vanaf 15 uur. In het hotel mag T de computer gebruiken. Na de boodschappen nog wat sight-seeing in het dorp en wat extra fotootjes maken. Aan de voordeur van het huisje naast de bakker hangt een bord waarop staat dat hier in 1904 is geboren en heeft geleefd Henri Contet, tekstschrijver van Edith Piaf en Yves Montand.

 

                 

Als PP wakker wordt rond de middag zit er niet veel verbetering in en gooien we er een brufen 600 mg bij wat kort daarna verlichting geeft. De kou heeft hem goed te pakken.

Als T een uurtje naar bed gaat, loopt PP wat voorzichtig rond in het dorp en haalt nog wat berichtjes binnen op het bankje bij de kerk. Als de "pharmacie" open is komt T uiteindelijk terug met een rugpleister die de komende dagen hopelijk voor warmte en verlichting gaat zorgen.

In de avond eten we wat simpels in de gite en drinken nog een klein glaasje. De langste dag van het jaar bijna en we lopen voor het slapen gaan nog een klein rondje.

 

Reacties