40. De balans.

1 juni 2011

Challons en Champagne-La Chaussee sur Marne: 22 km.

dag 32, totaal: 644 km.

 

 


Vandaag precies 1 maand geleden zijn we in Schaijk aangelopen en we maken nu de balans op van onze 1e maand onderweg zijn: 1 blaar, 1 teek, 1 verbrandde neus, ontiegelijk veel muggebulten en ook enkele smerige dazensteken, een verdwenen vulling uit een kies, pijntjes in de enkels, knieën en soms in de rug, een opspelende oude blessure, PP 3 kilo minder en T 2 kilo minder. Twee paar witte sokken !?!

Dat alles mag de pret niet drukken en we verkeren in een opperbeste stemming. We hebben er nog steeds verschrikkelijk veel zin in en gaan elke ochtend weer vrolijk op pad. Buiten onze stille dipjes, die we afzonderlijk van elkaar ook hebben natuurlijk, mogen we zeker niet klagen. Ook sterkt het ons zeer dat we zien hoeveel mensen ons volgen en onze reisverslagen lezen. We krijgen veel waardering en lof over onze verhalen waardoor het voor ons een plezier blijft om te blijven schrijven. 1 Maand zonder radio of televisie, zonder krant of muziek. We weten niet echt wat er in de wereld omgaat maar eerlijk gezegd kan het ons op dit moment niet schelen en bevalt ons de rust en stilte prima. Onze koppen zijn al lekker leeg. Buiten het gemis van onze kinderen, familie, vrienden en de hond denken we alleen maar aan de elementaire zaken zoals; waar kunnen we slapen en wat kunnen we eten? Het lijkt zo gemakkelijk maar we ondervinden vaak de moeilijkheden hiervan. 

Vanmorgen hebben we de tent en toebehoren droog in kunnen pakken, geen extra gewicht dus. Het waaide behoorlijk en we hadden gisteravond al besloten om niet al te vroeg op pad te gaan gezien de lange dag van gisteren.

 



We hebben hele stukken langs het kanaal Lateral de la Marne gelopen en later ook langs de Marne zelf. Er werd volop gewerkt aan het uitdiepen van het kanaal. Een graafmachine op een vlot en daarnaast een vrachtschip om het slib af te voeren. Diep is het kanaal niet, aan de grijparm te zien ongeveer 3,5 meter.  In ieder geval een niet alledaags gezicht.

 

We komen uiteindelijk in het plaatsje van onze eindbestemming La Chaussee sur Marne. De Gite d'Etape is vol. De 2 particulieren zijn niet te bereiken en bij de mairie valt alleen maar een stempel te halen. Ook hier staat Hemelvaart voor de deur. We zijn het lopen voor vandaag zat en hebben geen andere keus dan het Hotel du Midi. We krijgen een speciale pelgrimsprijs maar met daarbij een heerlijke steak en ons drinkgedrag wordt het toch weer een rekening boven onze begroting. Dat ze hier alleen maar Frans praten blijkt wel uit het feit dat PP door de eigenaresse wordt gevraagd een Engelstalig telefoongesprek te voeren met iemand die komend weekend een kamer willen boeken. De hotelkamer is klein maar voorzien van alle noodzakelijke behoeften. Na de douche wordt het werken aan de reislog en........ voor het eerst een televisie die het doet met alleen Franse zenders. Alleen het weer interesseert ons en het wordt morgen weer een warme dag. Af en toe hopen we op een bewolkte dag, wat koeler en ook wat regen. Niet alleen voor ons maar ook voor de Franse boeren hier want regen hebben de gewassen in dit gebied echt nodig. 

De reislog bijwerken lukt niet meer omdat de oogjes dicht vallen. Wandelen op onze manier vergt meer energie dan verwacht.


Reacties

41. Van je collega’s moet je ’t hebben….

2 juni 2011

La Chaussee die Marne- Vitry le Francois: 24 km.

dag 33, totaal: 668 km.

 


Hotel du Midi beschikt over Wi-Fi echter alleen met codekaart. De eerste kaart van 1 uur hoort bij de hotelprijs maar voor de 2e moet grof betaald worden. Na wat onderhandelen toch het 2e uur voor een schappelijke prijs gekregen. We hebben niet de indruk dat de hoteldame enig inlevingsvermogen en medelijden met het leven van een pelgrim heeft. Na het afrekenen maken we het Wi-Fi tegoed op en lopen we aan richting Saint Amand sur Fion.

Als we de kom van Saint Amand sur Fion binnen lopen menen we op afstand een bekende te zien, onze goede vriend Theo Heijmans. Vol verbazing lopen we op hem af. Maar als we dichter bij komen blijkt het niet Theo te zijn maar een look à like. Het verschil zat 'm in de oren..... We hebben hem op foto gezet zodat Theo zelf de gelijkenis kan beoordelen. 

 

Het lijkt wel of we de laatste dagen op de notenroute zitten. Overal langs de route bomen met walnoten in alle maten en soorten. En allemaal res nulius. Zoals velen wellicht weten zijn de Van der Heijdens gek op noten en bij elke notenboom wordt T een beetje meer opgewonden van verrukking. Ze zou het liefst haar rugzak volstoppen met walnoten. Gelukkig maar dat ze nog niet rijp zijn.

 

In Vitry le Francois komen we gelijk aan de rand van de stad bij een kermis uit. Halverwege treffende een richtingsbordje naar de camping aan die ons dwars over het kermisterrein laat lopen. Achter alle kermiswagens komen we aan een gesloten poort van een 2** municipal camping. Gesloten in verband met de kermis. We hebben nog een ontvangstadres voor pelgrims maar weten bij god niet waar het is. Er staat geen adres bij. We melden ons daarom bij de Gendarmerie National en worden te woord gestaan door eerst 1 maar daarna nog 2 jongere collega's. Het gesprek gaat in het Frans maar we begrijpen het bijna allemaal. Als we aangeven dat we pelgrims zijn en uit Holland komen en PP ook nog laat doorschemeren het zelfde werk te doen, worden we uitgenodigd om in de politieauto plaats te nemen en worden we precies op de plaats van bestemming afgeleverd. Het waren sympathieke collega's, zo van dat kaliber waar er in Oss veel van rond lopen. 

Wat opviel was dat de gendarmerie naast hun dienstpistool ook een tasergun droegen, een apparaat waarmee je tot max 5 meter afstand iemand met stroom kunt uitschakelen. En de
insiders onder ons weten dat PP daar ruime ervaring mee heeft. De eerste kennismaking metde Gendarmerie was er een uit het boekje. 

We worden afgezet bij Doyenne du Perthois ofwel Congregation de Soeurs de Jesus Misericordieux. Een vriendelijk zuster doet de deur open en brengt ons naar de 2e verdieping alwaar we een sober pelgrimsonderkomen krijgen. We hebben wel het gemak van een douche en er is een simpele mogelijkheid tot koken op ons kamertje. We horen dat er kort voor ons nog een pelgrim binnen is gekomen en maken even later kennis met Rosemary van Breugel, een vrouw van 63 jaar uit De Moer die het traject Dinant-Vezeley loopt. Ze herkent ons van onze reislog die ze via de startpagina heeft opgepikt. Ook vertelt ze dat ze Frans Kruter kent van zijn website en dat ze vindt dat hij zo grappig schrijft. Ze kent Frans niet persoonlijk maar als PP vertelt dat het een collega uit het Eindhovense is die wij goed kennen, moeten we hem de hartelijke groeten doen van Rosemary. Frans.....bij deze. 

 

 

Het is hier Hemelvaart vandaag dus alles gesloten. Toch had Rosemary ergens in de stad tomaten buiten uitgestald zien liggen. We gaan op zoek en vinden voorbij de kerk in een winkelstraat een klein kruidenierswinkeltje open. Bier, wijn, verse salade met zalm, kaas, stokbrood en enkele chocoladetoetjes worden ingeslagen voor het avondeten. Het smaakt ons allemaal goed deze avond. 

We smeren ons kompleet in met dikke vette nivea omdat onze huid er ontiegelijk uitgedroogd uitziet en zo ook aanvoelt. Allemaal vellen, schilvers, droogterimpels en meer van dat soort ongemakken. We hopen dat het wat comfortabeler aan gaat voelen na 2 dagen smeren en een heel blik leeg.

Er wordt hartstikke leuk gereageerd door jullie allemaal maar we willen even laten weten dat de kilometers van 31 mei wel juist vermeld zijn. Het was een de zwaarste dagen tot nu toe.

 




Reacties

42. Blond of niet blond?  

3 juni 2011

Vitry le Francois-Saint Remy en Bouzemont: 21 km.

dag 34, totaal: 689 km.

 


 

We staan vroeg op omdat we vandaag een behoorlijke afstand willen afleggen. Alle kleertjes zijn weer droog en we ruimen ons pelgrimskamertje op. We hebben nogal wat moeten verbouwen om het tweede matras goedpassend op de grond te krijgen. Het zijn eenvoudige kleine kamertjes met maar een smal bedje. Je kunt er je kont maar amper keren. Kennelijk hebben ze vaker pelgrimstelletjes of andere duo's als gast. Maar goed, het is een goed onderkomen voor weinig en wij zijn er blij mee. Pelgrim Rosemary hebben we eerder al horen vertrekken, die ligt dik een uur voor. 

Als we Vitry le Francois uitlopen wacht ons gelijk weer een klim naar het hoogste punt van de route van vandaag, de Mont Moret, alwaar ook een oorlogsmonument is opgericht. Als we daar aankomen voelen we het goed in de benen en staan we allebei een beetje te hijgen. Het is tijd voor rust, eten en drinken want de eerste 11 km zitten er op. Het monument biedt ons een goede zitplaats op het marmer en ook een schaduwkant. Voor we plaats nemen herdenken we de gevallenen waarvoor dit monument is opgericht. Opvallend vinden we dat bijna alle monumenten die wij in Noord Frankrijk zijn tegen gekomen, refereren naar alleen maar slachtoffers uit de 1e wereldoorlog. 

 


Onze voorraad stokbrood met smeerkaas en water (je went eraan) werken we naar binnen. Hiermee doende zien we twee wandelaars aankomen. Beiden stappen stevig door en naderen rap. Aan de koppies en huidskleur vermoeden we dat het landgenoten zijn en we begroeten ze met hallo en goedendag. Ja hoor, bingo. Een stel uit Nederland die de route naar Santiago in delen doen. Ze staan ergens op een camping, brengen eerst een fiets naar het eindpunt van de dag en zetten de auto aan het begin. Na het lopen fietst hij terug om de auto te halen en haalt haar weer op. Zo doen ze dat.....en zonder bepakking. Ook een manier. Het gaat er uiteindelijk om dat je het doet en niet om hoe je het doet. 

Als we een stukje verder lopen komen we midden in het akkergebied bij een stukje afgezet terrein waar een jaknikker rustig aan het pompen is. We hadden er eerder deze morgen al eentje in de verte gezien maar nu dus dichtbij. Kort bij de jaknikker wat ontluchtingspunten en een grote opslagtank. Dan wordt hier toch iets van olie naar boven gehaald. De productie lijkt ons niet hoog te liggen maar is natuurlijk wel constant.

 

Verderop flinke velden met tarwe aan de linkerhand en gerst aan de rechterkant. De gerst is al aan het verkleuren en vertoont enige gelijkenis met de haarkleur van T, althans het geblondeerde gedeelte. We discussiëren even over grijze uitgroei met lichtblond of donkerblonde uitgroei met nog geen grijs. Jammer voor T dat het nog twee weken duurt voordat het eerste pakketje met haarverf arriveert. We laten de discussie en besluiten het vast te leggen op een plaatje. Effe goed zoeken maar dan........ is ze blond of is ze niet blond? 

Als we aankomen in Saint Remy en Bouzemont blijkt er een klein kruidenierswinkeltje te zijn en ook een bar. Maar alles is gesloten tot 15.30 uur, ruim een uur wachten dus. Onze eindbestemming ligt 7 km verderop maar daar is volgens de kaart niets te krijgen. Als we een man aanspreken vraagt hij of we pelgrims zijn en of we onderdak willen alhier in de Gite municipal. Hij laat ons de ruimte zien die groot en eenvoudig is ingericht en van alle noodzakelijke gemakken is voorzien. Als dan, na een gepleegd telefoontje, ons geplande adres voor vandaag vol blijkt te zitten, nemen we genoegen met wat minder kilometers vandaag. Na het douchen halen we de boodschappen en bezoeken we de bibliotheek op zoek naar WiFi. Wel computers die nog trager bleken dan een slak maar niet wat wij zochten. In het café gevraagd en het hele dorp rond gelopen maar helemaal geen verbinding. Terug bij onze Gite besluiten we nog het nog eenmaal te vragen en komen we in contact met onze buurvrouw voor die dag. Ze blijkt warempel beveiligde draadloos internet te hebben en krijgen na uitleg waarom, zo haar wachtwoord. Voor we er erg in hebben zitten we bij madam Silvie Michaud aan de tuintafel en serveert ze een heerlijk glas limonade en..... een echt flesje export-Heineken. 

 



Wat kan het leven soms toch mooi zijn........

 

 


Reacties

43. Le Maire de Chavanges.

4 juni 2011

Saint Remy en Bouzemont-Chavanges: 23 km.

dag 35, totaal 712: km.

 

 

 


 

Dat de hitte nu al z'n tol eist moge duidelijk te zien zijn want het aantal kilometers dat we afleggen is beduidend minder dan we aanvankelijk van plan waren te lopen. Het was werkelijk verschrikkelijk warm zonder een zuchtje wind. Voor T was het een ware beproeving omdat de hitte het enige is waarvoor ze niet heeft kunnen trainen. En de hitte is ook het enige waar ze niet echt goed tegen kan. Maar hopelijk went ze eraan want er komen waarschijnlijk nog heel veel warme dagen. 

We lopen vroeg al het stuk maar Outines, een afstand van 10 km die we gisteren al hadden willen doen. Een mooi slingerend, onverhard pad door een 
nagenoeg onbewoond natuurgebied. De zon staat nog laag in het oosten een klimt zoetjes aan boven de bomen uit. Dan ineens, kort bij een hoop, trillend geflapper links van ons. We zien een klucht patrijzen verschrikt van ons vandaan vliegen. We tellen 11 stuks bij elkaar. Op een wat hoger gedeelte zien we kort later een reebok vanuit een grasland met hoog gras ons pad dwars oversteken en al springend zijn weg vervolgen door de tarwe. Hij is natuurlijk ook voor ons gaan lopen en had ons al vroeg opgemerkt omdat de wind voor het beest gunstig stond. Een waar genot voor het oog dit in alle vroegte te kunnen aanschouwen. We komen steeds vaker velden tegen waar zonnebloemen gezaaid zijn. Het verschil tussen vochthoudende en niet vochthoudende grond is met de dag steeds beter te zien. Het blijft droog hier en de plantjes snakken naar water. We tellen vandaag 3 te vroeg geboren zonnebloemen die zwaar opvallen in een heel veld met groen.

 



Het voorhoofd en de neus van PP voelen aan als schuurpapier en de vellen komen er een dezer dagen aan te hangen. Smeren is hem onbekend dus dan zo maar.

We hebben vandaag voor het eerst onze tropenhoedjes moeten dragen omdat de zon de hitte letterlijk via het hoofd en de nek in ons lichaam brandt. Het was bijna ondoenlijk om zo te lopen. We hadden in ieder geval de pijp al vroeg leeg en zochten regelmatig een plaatsje in de schaduw om bij te komen en af te koelen.

Een van deze plaatsjes was op het kerkhof achter het kerkje in Bailly le France. Een piepklein plaatsje met een klein idyllisch kerkje. Achter de kerk was een overkapte buitenplaats met een bankje waar veel wind stond, precies wat we nodig hadden om af te koelen. We hebben daar bijna een uur gezeten en gehangen om een beetje bij onze positieven te komen. Het voordeel van kerkhofjes is dat er meestal een waterkraantje (eau potable) is om de watervoorraad aan te vullen. Het laatste stuk naar Chavanges wijken we een paar km van de route af omdat in dat dorp een ADP (overnachtingplaatsen voor pelgrims) staat aangegeven. Als we daar aankomen is "de Mairie" (gemeentehuis) dicht. T belt de overnachtingplaats wat een soort van hotel blijkt te zijn, vette prijzen dus. Van de route afwijken voor een duur hotel was tegen het zere been. Op de trap van "de Mairie" even zwaar beraad maar dan staat PP op met de mededeling "dan de burgemeester maar". We bellen aan bij het huis naast "de Mairie" alwaar we doorverwezen worden verder in de straat. Als we aanbellen bij een behoorlijke villa worden we te woord gestaan door de burgemeester en zijn vrouw.

We leggen uit dat we pelgrims zijn en een overnachtingplaats zoeken. Omdat ook de verantwoordelijke persoon voor de overnachting van pelgrims afwezig is, biedt hij ons aan vannacht bij hem te komen slapen. In het souterrain is voldoende plaats en kunnen we ook douchen. We nemen de uitnodiging aan en worden naar het souterrain geleid. Het blijkt de sauna en fitnessruimte onder het huis te zijn. “Waauw, wat een ruimte.” De dochter uit Parijs is ook thuis en spreekt vloeiend Engels. We worden aan haar voorgesteld en we vertellen wie we zijn en waar we vandaan komen. Maar ook het Frans van de burgervader is goed te verstaan. Hij zegt ons dat hij over een half uur weg moet naar een concert en vraagt ons of wij geïnteresseerd zijn om mee te gaan. Een Spaanse/Meditairaans concert van ongeveer anderhalf uur in een naast gelegen dorpje. Als we de invitatie aannemen gaan we vlug douchen om op tijd klaar te zijn. Op ons paasbest met oranje crocs, maar met goedkeuring van de burgervader, nemen we plaats achterin zijn limousine (luxe Citroen C6). Hij blijkt een ware gastheer en een goed chauffeur. De plaats blijkt weer het idyllische kerkje in Baily le France waar een benefietconcert ten behoeve van de restauratie van de kerk wordt gehouden. Bij binnenkomst worden we voorgesteld aan de burgemeester van deze plaats en direct daarna aan de organisator van het concert dhr. Thomas Klein. We worden als speciale gasten behandeld in deze kleine gemeenschap, die sinds vorige week slechts 35 inwoners telt. Het concert is met recht bijzonder mooi te noemen.

 

Een trio van harp, dwarsfluit en gitaar, met af en toe de panfluit erbij, wat in de akoestiek van het kerkje bijzonder goed tot zijn recht komt. Na afloop is het hier de gewoonte om bij de Salle Communale samen champagnes te drinken met elkaar. Deze gewoonte past goed binnen onze pelgrimstocht en we doen er graag aan mee. We praten wat met het Duitse concerttrio Semilla, die het best leuk vinden omdat wij de enige zijn die Duits praten. We merken dat we als speciale gasten van de burgemeester aanwezig zijn. De drank vloeit rijkelijk (champagnerosé) en we moeten oppassen niet teut te raken. We hebben nog maar weinig gegeten vandaag.

 

Na een uurtje of 3 is het tijd voor de terugreis en zitten we weer als vorstelijk paar achter in de limousine.

Maar dan begint de ware site-seeing.... De burgervader laat ons de hele omgeving zien. Hij vertelt honderduit en legt ons tot in detail uit welke gewassen wij links en rechts van het landschap zien, wat voor soort koeien er staan, wat een goede en wat een slechte boer is. Daarna neemt hij ons mee naar de werkelijk allermooiste plekjes van de omgeving waarop hij zichtbaar trots is. Op een 360 graden view point met magnifiek uitzicht legt hij ons uit welke plaats waar ligt en welk meer we in de verte zien liggen, Lac du Der Chantecoq. Hij brengt ons naar een kerkje in Lentilles wat een kerkje van st. Jacques blijkt te zijn. Dit wil hij ons als pelgrims niet onthouden. We maken een foto van de burgemeester samen met T onder het toeziend oog van St. Jacques, die duidelijk zijn goedkeuring hieraan geeft (charmant he...) De burgemeester vertelt ons dat hij 72 jaar oud is en tot aan zijn pensioen altijd als veearts in deze omgeving heeft gewerkt. Pas de laatste jaren voor zijn pensioen heeft hij een dubbele functie gekregen. Nu is hij enkel nog burgemeester. De man blijkt een aimabele verteller te zijn waarnaar we graag luisteren.

Het valt ons op dat we het grootste gedeelte van het gesprek (in het Frans) goed kunnen volgen wat voor hem ook weer aanleiding blijkt om te blijven vertellen. Als we huiswaarts keren wacht ons een heerlijke onverwacht diner door zijn vrouw bereidt. Mevrouw is een zeer vriendelijk en open persoonlijkheid en als ze merkt dat we de taal redelijk goed verstaan praat ze er vrolijk op los. De rest van de avond wordt er veel gesproken over en weer over het alledaagse in Frankrijk en hoe het allemaal in Nederland gaat. Deze ontmoeting was voor ons zeer bijzonder en we zullen Sylvette en Guy Pierson niet snel vergeten.

Rond de klok van 22.30 uur gaan we in het souterain nog wat muggen vangen voor we vermoeid maar voldaan de oogjes dicht doen.

 


Reacties

44. Geen bot maar tarbot.

5 juni 2011

Chavanges-Precy Saint Martin: 23 km.

dag 36, totaal: 735 km

 

 

 

De burgemeester wil ons niet wegsturen zonder een goed ontbijt en staat erop dat we dat samen doen met hem en zijn vrouw. Vers stokbrood is er pas vanaf 8 uur en een kwartier later zitten we aan tafel. Onder het genot van een bak koffie van het formaat soepkom, wat overigens normaal is hier en ook nog lekker wegdrinkt, gaat het weer net zo als gisteravond, vraag en antwoord van beide kanten over uiteenlopende zaken. Na het ontbijt nemen we afscheid van madam Sylvette Pierson. Guy loopt nog even met ons mee om ons de bakker te wijzen voor het brood voor onderweg en om ons op de goede route te zetten. Maar voor we bij de bakker zijn loodst hij ons nog even door de kerk van Chavanges en wijst ons op het verhaal en de geschiedenis die het grote glas-in-loodraam behelst. Dan het moment dat we ook van Guy Pierson afscheid nemen. We zijn er beiden stil van en beginnen aan de route die hij ons wees. Zoveel goedheid en gastvrijheid erbij van Sylvette en Guy op alles wat we al hebben mogen ontvangen onderweg. En wat we er van opgestoken hebben. Allebei hebben we het gevoel dat we tijdens deze ontmoeting flink vordering hebben gemaakt in communicatie Frans. In een woord; "formidable".

In het begin lopen we door het landschap waar we gisteren al in rondgereden werden en binnen 3 km zitten weer op de GR654. Kort voor Rosnay-l'Hopital lopen we over een onverhard pad tussen de tarwe en koolzaad. Dan zien we in het tarwe twee flinke oren die zich donker aftekenen tegen de kleur van het tarwe. Ze steken net boven de tarwe uit maar de kop die eronder zit zien we niet. Als we de oren tot op ongeveer 30 à 40 meter zijn genaderd zien we dat het vrij brede en aan de bovenkant mooi rond lopende oorschelpen betreffen. De situatie blijft onveranderd en het kunnen geen andere oren zijn dan die van een reegeit of hinde. Eindelijk een mogelijkheid voor een shotje met de camera (video) en we brengen hem in gereedheid. Als PP wat moeilijke geluiden maakt, zakken de oren tot minimaal boven het maaiveld maar het beest blijft op z'n plaats. Als PP vervolgens hard roepend zich bekend maakt als zijnde de jager en het geluid van enkele geweerschoten imiteert, verdwijnen de oren onder het maaiveld. Maar het beest loopt niet weg! Daarna volgen lachwekkende imitaties van mitrailleurvuur gevolgd door het gooien van enkele klonten leemgrond. Onbegrijpelijk, er komt niets in beweging. Dan ineens......realiseren we ons dat het vandaag zondag is en ook dit dier kennelijk van zijn rustdag aan het genieten is. We vinden het niet gepast om de tarwe over de vermelde afstand te vertrappen en laten het beest lekker liggen. Helaas geen videoreportage. 

In alle consternatie lopen we een pad mis waardoor we ruim een hele kilometer om lopen. Hieruit blijkt weer dat ook pelgrimeren een kwestie is van concentreren. Zo makkelijk is het allemaal niet maar wel driedubbel zo mooi. 
In Rosnay l'Hopital komen we net voor de bebouwde kom uit bij een kersenboom. Hij hangt vol met dikke kersen die er al behoorlijk rijp uit zien. Van de burgemeester hebben we geleerd dat alles wat niet bij een woning of tuin hoort of niet afgezet is, gemeenschappelijk gebruikt mag worden. We doen ons te goed aan de kersen en vreten ons helemaal vol. Het vochtgehalte weer op peil, de nodige vitamientjes weer binnen en een vol gevoel. De dieprode zijn zoeter dan de lichtrode maar beiden smaken ze best. Heerlijk zo los uit de natuur. 

Na Chalette-sur-Voire komen we bij een schaduwrijke plek direct aan het riviertje Le Voire. Er stonden al een bankje en twee "luxe" stoelen klaar, vast en zeker voor ons. Terwijl T het laatste stuk stokbrood met sardientjes uit blik smeert, ziet PP in het water een heus snoekje tussen de leliebladeren en de gele plomp. Hij is niet groter dan een 10-tal centimeter maar daar niet minder mooi om. Het snoekje hangt stil, wachtend op prooi of is het uitbuiken.....? Libellen in diverse kleuren en maten vliegen af en aan. Leven genoeg, we vervelen ons geen minuut. 

 

Als we weer verder lopen komen we in de buurt van het sportvliegveld van Brienne le Chateau waar we verschillende vliegtuigjes door de lucht zien cirkelen. Een toestelletje komt strak naar beneden en maakt wat rare capriolen voordat hij kennelijk de landing inzet. Kort daarna stijgt er eentje op die een zweefvliegtuig op sleep heeft en we zien ze samen sterk klimmen. We zien ook nog een vliegtuigje op zeer grote hoogte waar enkele kleinere stipjes bij hangen. Dan ineens zijn er parachutes zichtbaar en zien we ze langzaam naar beneden glijden. Waarschijnlijk uit het vliegtuig springen met een vrije val. Dit alles geeft een aardig schouwspel en zonder dat we er erg in hebben zijn we alweer een paar kilometer verder. 

Precy Saint Martin is het dorp wat we binnenlopen als we op zoek gaan naar een winkeltje, bakker of restaurantje. Het is weliswaar zondag maar open of dicht is hier altijd de vraag? Bij een chambre d'hote zien we een man in de tuin die we aanspreken om water te vragen. Als we tussen neus en lippen door de prijs vragen voor een overnachting valt het reuze mee. Daarbij ook nog Wi-Fi aanwezig doet ons besluiten om hier te overnachten, als we even later in het dorp bot vangen bij de "Mairie". Voor eten en drinken is hier niets in het dorp en omdat ze bij de chambre d'hote geen eten en drank voorradig hadden, besluiten we het probleem rigoureus aan te pakken en spreken we een bewoner aan die we ons probleem voorleggen. Als we dan ook uitleggen dat we pelgrims zijn onderweg naar Santiago, blijkt hij daar gevoelig voor. Twee minuten later lopen we daar vandaan met een gekoelde fles rosé die we niet mochten betalen. Hij wenst ons een "bon courage". Bij de chambre d'hote krijgen we een ruime en nette kamer op de 1e verdieping. We zijn de enige gasten. Ineens zijn er mogelijkheden voor eten en wat drinken. Eten als we het zelf willen bereiden en drinken een paar biertjes en een fles witte wijn. Hij haalt voor ons een paar visjes uit de diepvries en we worden verrast met twee prachtige tarbotjes gevangen aan de westkust van Frankrijk. Dat is andere bot dan die we vingen in het dorp. Daar weet PP wel raad mee. 
Helaas een verkeerde code voor de Wi-Fi maar we mogen op de computer waar we het een en ander toch bij kunnen werken. Daarna een romantisch diner voor twee met gebakken tarbot, aardappelsalade, stokbrood en kaas toe. Dit alles afgeblust met een Chardonnay.......bedenken jullie zelf de rest maar....

 

Dag 36 zit er op, het bedje wacht op ons.

 



Reacties

45. Een lits-jumeauxbed.....

6 juni 2011

Precy Saint Martin-Brienne le Chateau: 7 km.

dag 37, totaal: 742 km.

 



 


 

Na een nacht met behoorlijk wat regen geeft de ochtend ons het vermoeden dat het wat afgekoeld is. Als we de poort uitlopen schijnt toch de zon weer en lijkt het alsof de ochtend temperatuur al gelijk is aan dagtemperatuur van gisteren. De luchtvochtigheid is hoog en het voelt benauwd aan. Het duurt ook niet lang of de zweetdruppels parelen van onze koppen af. We zijn dan nog maar 3 km onderweg. Ons einddoel voor vandaag is Brienne le Chateau, 7 km verderop. Brienne le Chateau schatten we in als een redelijke plaats met overnachtingsmogelijkheid voor pelgrims, een office du tourisme, een bibliotheek, enkele bezienswaardigheden maar vooral ook.... Wi-Fi. Napoleon heeft hier zijn sporen duidelijk achter gelaten. Hij heeft hier 5 jaar lang zijn militaire opleiding genoten en er zijn hier enkele veldslagen geweest. Op het plein voor het stadhuis een standbeeld en per testament schenkt hij deze stad 1 miljoen. Lijkt ons best een kapitaal voor die tijd. Standbeelden, een groot paleis, een militair instituut en het museum herinneren nog aan die tijd.

 

Tijdens het binnenlopen van de stad komen we door een arboretum en leren we dat een walnotenboom een "noyer commun" is, een tamme kastanjeboom een "chatagnier" en een wilde kastanjeboom een "marronnier". Drie bomen die tijdens onze Franse gesprekken regelmatig naar voren komen omdat de van der Heijdens nou eenmaal gek zijn op dat spul. We noteren de namen om niet meer te vergeten.

Iets later worden we op een "pont" begroet door een tandloze Fransman in verwaarloosd kostuum, die zijn best doet om uit te leggen dat hij gids is van het paleis van Napoleon. Het paleis is echter gesloten en we vervolgen onze weg naar het centrum. We melden ons bij de office du tourisme die een "local de nuit" voor ons hebben, helemaal "gratuit". Wi-Fi hebben ze niet maar mogelijk wel op de "Mairie" en anders in de bibliotheek. Als we naar ons nachtverblijf willen, komt de regen ineens met bakken uit de lucht vallen. Na Soumange (B) de 2e echte regenbui overdag sinds ons vertrek. We schuilen bij de office du tourisme en verwerken wat tekst voor de reislog. Na een half uurtje wordt het wat minder en besluiten we toch maar aan te lopen. Als we bij het nachtverblijf aankomen zijn we zeiknat geregend. Maar goed ook want de kleertjes waren aan een wasbeurtje toe.

 

Het verblijf biedt plaats aan 3 personen. Gelukkig komt er niemand meer bij vandaag en kunnen we doen en laten wat we willen. We schuiven de bedjes tegen elkaar en hup.....de slaapzak erop. Het lijkt net een lits-jumeauxbed. Kraken doen ze wel en af en toe, een geluid alsof er een veer springt. Niets aan de hand gelukkig. De wc-bril staat naast de pot en heeft het bij een eerdere bewoner al begeven. Niet fijn om zo te moeten gaan zitten maar.......een gegeven paard moet je niet in de bek kijken. We zitten hier per slot van rekening droog en veilig en we kunnen ons fatsoenlijk wassen. En dat alles wordt
ons door de gemeente aangeboden.Na het douchen gaan we lekker het stadje in op zoek naar Wi-Fi bij de "bieb" Die blijkt gesloten op maandag. Dan naar de "Mairie" maar geen internet. We struinen nog wat cafeetjes af, ook niks. We gaan zo nog effe door en komen uiteindelijk aan de rand van het stadje bij hotel Voyageur waar we vrij Wi-Fi hebben. De menukaart ziet er goed uit en voor het eerst zitten we rond het middaguur al aan een steak met verse groenten. 
We nemen er de tijd voor en het lukt zowaar twee dagen op de reislog te plaatsen. Terug lopend doen we wat boodschappen voor het avondeten en het ontbijt. Voor vanavond wordt het stokbrood met Rochefort en Rondele en rosé voor T en rode wijn voor PP. Na het douchen ontdekt T weer een teek aan de binnenkant van de linker kuit. Gelukkig laat die zich met een pincet makkelijk verwijderen. Take-two al weer. De hakjes van ons allebei vertonen ook kleine 
rode vlekken als gevolg van het schuren van de sokken in de schoen. Niets verontrustends maar we houden het wel even in de gaten.

We lopen na het eten nog even terug naar hotel de Voyageur om het eten te laten zakken en nog een berichtje te plaatsen. Zo zijn we tenminste weer een beetje bij.

 

 

Als we rond 22.00 uur terug lopen, is er geen kip meer te bekennen op straat en lijkt het hele stadje in een diepe slaap. Er loopt niemand en er rijdt geen enkele auto. Beangstigend stil zo gezegd. Zou een mooie tijd zijn om Frankrijk binnen te vallen als je behoefte hebt aan wat meer land. Je zult weinig weerstand ondervinden want Napoleon is hier alleen nog maar geschiedenis.

 





Reacties

46. We verklaren de teken de oorlog…

7 juni 2011

Brienne le Chateau-La Villeneuve au Chene: 29 km.

dag 38, totaal: 771 km.

 

 


We deponeren de sleutel van ons nachtverblijf in de brievenbus van de office de tourisme en gaan vroeg op pad. We nemen de hoofdweg naar Brienne la Vieille waar we weer aansluiten op de GR-route. We komen bij de rivier de Aube, een niet al te diep stromende rivier. Het water is helder en net voor de brug zien we in de luwte van de stroming twee dikke vette karpers zwemmen. Een mooi gezicht maar helaas niet duidelijk op foto te krijgen.

Verderop worden we het bos in gestuurd en het te volgen pad, modderig en glad. We moeten geconcentreerd lopen om niet uit te glijden en missen daardoor een afslag. We lopen verkeerd maar de hoogspanningsmasten geven aan dat we parallel lopen aan het eigenlijke pad. Na een kleine kilometer komen we weer terug op de route en het aantal verkeerd gelopen meters valt mee. De muggen zorgen er voor dat de vaart er goed in blijft want stilstaan is gelijk aan lek gestoken worden.Als we Dienville binnen lopen zien we langs de weg een oude antiek uitziende aanhangwagen staan. Op de aanhangwagen aan de buitenzijde twee grotere blauwe ketels en ertussen twee wat kleinere koperen ketels. Tussen de ketels lopen wat leidingen met drukmeters. 

Een vreemd geheel voor ons maar als we korter bij komen zien we onder de ketels een lange smalle bak staan precies gesitueerd onder de aftappunten van de ketels. In deze bak liggen een hoop pitten, waarschijnlijk kersenpitten. Het uiteinde van de bak hangt boven een gat in de grond waar een hoop drab in ligt. Een sport van rottende geur die erg onaangenaam riekt. Het geheel blijkt een mobiele stokerij te zijn waar van vruchten een of andere brandewijn gestookt wordt. De kersen zijn op dit moment rijp dus het zal kersenbrandewijn zijn wat er nu gestookt wordt.

 

Bij de kerk in dit dorp zien we een wat oudere man met een zwaar bepakte rugzak. Hij heeft een lolly in zijn mond. We lopen elkaar te gemoed en als we elkaar aanspreken blijkt hij ook aan het pelgrimeren te zijn. Het betreft Herman Jansen uit Voorburg die vanuit die plaats aan het pelgrimeren is naar Vezelay. Hij loopt iets anders dan alleen maar de GR en na een kort onderhoud gaan we weer onze weg.
Onderweg naar Amancy komen we na het oversteken van een kanaaltje aan bij het begin van een groot bosgebied "Foret d'Orient". Veel ligusterheggen die hier in het wild groeien. Ze staan in bloei en de bloesem geeft een heerlijke sterke geur af. Iets verder zien we aan de bomen borden aan kettingen hangen met opschrift "Danger, Chasse" (gevaarlijk, jacht). We horen geen schoten en we zien ook nergens rode vlaggen hangen waarop we besluiten door te lopen. We lopen langs een keet van het model zeecontainer met enkele ramen erin en een kachelpijp erop.

De keet is gecamoufleerd groen en er ligt een stapeltje kachelhout bij. Als we door de ramen binnen kijken blijkt het een summier ingerichte jachthut met een grote houtkachel waar een lange tafel voor staat. Achter de jachthut staat een geweerrek en een stellage van zwaar ijzerwerk, ongeveer 2.5 meter hoog en met een lier eraan.

 

 Hier wordt het bij de jacht geschoten wild in gehangen om ontwijd en/of geslacht te worden. De "Sanglier" en de "Cerf" (wild zwijn en hert) zijn wildsoorten die hier veel bejaagd worden. PP zou hier best wel eens een paar daagjes mee op de jacht willen.

Er volgt een lange route door een dicht bos met veel oude en grote bomen. Het is er drassig en het lijkt soms ook wel moerassig. Het gras staat hoog en kietelt aan onze benen. Dan begint het te onweren en voor we de juiste beslissing genomen hebben valt de regen met bakken uit de lucht. Het duurt gelukkig maar even maar we zijn wel zeiknat. 
We komen aan in La Loge aux Chevres alwaar een drietal Gites zijn. Als we de eerste bereiken ziet het er allemaal verlaten en verwaarloosd uit. Bij de andere is eveneens niet veel leven te bekennen. Ook geen enkele faciliteit in het dorp waardoor we besluiten om verder te gaan naar La Villeneuve au Chene. Na een lange dag met veel kilometers komen we aan bij een chambre d'hote. Er blijkt nog plaats voor ons en als we binnen stappen zien we Herman aan tafel zitten met een heerlijke pot bier voor zich. Hij had hier en daar de route afgesneden en zo wat minder kilometers gelopen. We verklaren de oorlog aan de teken. Als we ons op de kamer klaar maken voor het eten ziet PP een kleine teek kruipen over zijn sok. Dan blijkt er ook weer eentje in de kuit ingegraven te zitten.

Als we vervolgens T gaan nakijken treffen we 4 teken aan in de huid van de kuiten en het bovenbeen. Ze zijn behoorlijk agressief en bij het verwijderen was goed te voelen dat de teken zich al in de huid hadden genesteld.


De chambre d'hote is in een woord geweldig. Nette kamers met alles erop en er aan. Er is ook nog een echtpaar uit Brussel te gast en samen met de familie zitten we met 8 personen aan tafel. We krijgen een zes gangen menu voor geschoteld in Franse stijl. De dochter des huizes is wat ongeduldig en verdwijnt tussen de gangen door telkens naar boven. Als moeder bij het opdienen van het hoofdmenu een in het trappengat op een hoorn blaast, komt de dochter rap naar beneden en schuift weer aan. Moeders legt uit dat ze dit zo altijd doet in plaats van schreeuwen. Doet ons denken aan de film van de Von Trapp's....... Ideetje misschien? Herman blijkt goed Frans te spreken en samen met de rest wordt het een gezellige tafelavond. Rond kwart na 22 is het gedaan met het tafelen en gaan we met een volle maag lekker plat.




Reacties

47. Schijngevecht

8 juni 2011

La Villeneuve au Chene – Polisot: 24 km.

dag 39, totaal: 795 km.


 

Ontbijt om 8 uur in de huiskamer. Sinds lang weer een uitgebreide ontbijttafel met fruitschaal, vruchtenyoghurt en kaassoorten erbij. Meestal is het alleen maar simpel stokbrood met een beetje boter en confituren erbij. Daarbij die soepkom met koffie en als je geluk hebt nog jus d' orange.

Onderweg naar Fralignes worden we opgeschrikt door een hels kabaal van twee zeer laag vliegende straaljagers die ineens vanachter een heuvel vandaan langs ons heen komen vliegen. Ze zijn beiden volledig bewapend aan de vleugels. Verderop zien we ze allebei ineens uit de flank en schuin omhoog trekken, de een ietwat naar links en de ander ietwat naar rechts. Dan zien we hoog in de lucht een derde staaljager die het silhouet heeft van een of ander antiek toestel. De andere twee gaan er ieder vanuit hun richting op af. Als ze ogenschijnlijk bijna bij elkaar zijn gaan de twee straaljagers in een scherpe draai uit elkaar en verdwijnen ze achter een heuvel. De andere straaljager draait op hoogte een grote ronde van 180 graden en vliegt terug van waar hij kwam. Het geheel leek op een schijngevecht van twee jagers met een doelwit, wat spectaculair was om te zien. Wat voor straaljagers het waren weten we niet. Ze hadden de vorm van een driehoek met een lange punt als neus. Flinke raketten aan de vleugeleinden. F-16's waren het zeker niet.

 



In Bar sur Seine passeren we voor het eerst de Seine, de rivier die ook dwars door Parijs loopt. Hier echter is de rivier nog niet bevaarbaar vanwege de ondiepe stukken en de watervallen. We nemen een pauze direct aan het water en eten stokbrood met sardientjes. Als PP een vliegvishengeltje bij had gehad, dan had hij zo een forelletje uit de Seine gesleurd met een natte nimf.

In Bar sur Seine zit het verder allemaal tegen. Na lang zoeken vinden we een eind buiten het centrum de office de tourisme die net op woensdag middag gesloten is. Op het gemeentehuis krijgen we een stempel en bellen ze voor ons de Gite. Er is plaats en er kan gegeten worden maar..... ruim 2 km terug lopen en niet voor 18 uur welkom. Ok, de resterende tijd dan maar in de bibliotheek. Maar daar blijkt de computer heel traag te zijn en hebben ze nooit van Wi-Fi gehoord. De Iphoon bespeurt ook geen enkel netwerkje in de omgeving. Daar zitten we dan even na vieren de tijd uit te zitten in een stadje waar we niets kunnen. In Polisot een kilometertje of 5 verder op onze route is een Gite municipal. Dat kunnen we nog belopen in die paar uren die we anders hadden moeten wachten. We wagen het er op. Nog voor we de stad uit zijn een echte Aldi waar we eten en drinken inslaan. Wel effe wat meer sjouwen maar dat hebben we er voor over. In een bushokje iets verder ontkurken we de twee wijnflessen en gieten de rode wijn in de Sig-bottle met de rode schroefdop en de rosé in die met de zwarte schroefdop. Dat scheelt toch weer het gewicht van de twee flessen die we netjes in de prullenbak achter laten. We moeten een stukje langs een drukke N-weg lopen wat niet prettig is met al dat vrachtverkeer. T krijgt het er Spaans benauwd van, wat van haar gezicht af te lezen is. Dan komt de afslag en wordt het rustiger lopen. Als we na ruim een uur lopen aankomen in Polisot gaan we gelijk op zoek naar de "Mairie" die zoals meestal ergens naast of tegenover de kerk is.

 

De deur staat open en ons "Bonjour" wordt gelijk beantwoord door een man die wat administratief bezig is. Het had de burgemeester kunnen zijn maar nee, deze keer niet. Als we naar de Gite vragen zegt hij de sleutel te gaan halen en rijdt met de auto weg terwijl hij alles open en bloot laat! We houden de wacht en proberen een inwoner die op de "Mairie" moet zijn te vertellen dat de ambtenaar even de sleutel van de Gite is halen voor ons. Hij vindt het goed en wacht rustig zijn beurt af. Een tweede inwoner sluit aan in de rij en na een tiental minuten komt de ambtenaar met sleutel terug. Hij vraagt ons mee te komen en geeft ons een korte rondleiding in een aanliggend oud zaaltje waar ook een keukentje bij zit.

 

Een oud schooltje dat tegenwoordig gebruikt wordt als BOP (bejaarden ontmoetingsplek). Voor het toilet moeten we een eindje buitenom lopen wat vervelend is voor in de nacht. Maar......dat hebben we opgelost. Of we de sleutel morgen vroeg in de brievenbus willen doen en dat alles "gratuit". We bereiden het eten, gaan aan de wijn met kaas en zetten weer een berichtje in de wacht voor als we verbinding hebben. 

 



Ons bed ligt vannacht op de houten vloer van het zaaltje en we leggen de slaapzak met matjes op het grondzeil van de tent. Het is even afwachten of de muisjes vannacht aan onze oren komen knabbelen. Geloof het of niet maar we zijn er dik tevreden mee en het slaapt uitstekend.

 



Reacties (1)

48. Pelgrim Armin.

9 juni 2011

Polisot-Etourvy: 29 km.

dag 40, totaal: 824 km.

 


Bij PP jeukt het nog steeds aan de binnenzijde van het linker bovenbeen net onder zijn kruis. Ook daar hebben we gistermorgen een teek uit gehaald maar vergeten dit te vermelden. Waarschijnlijk is de teek terecht gekomen in de onderbroek die tijdens de wandeling door het Foret d'Orient aan de rugzak te drogen hing. Na het douchen en de tekeninspectie deze schone onderbroek aangetrokken en tijdens het slapen heeft dat kreng zich lekker vast gevreten. Gelukkig dat ie begon te jeuken. T heeft 'm vakkundig verwijderd en de nek omgedraaid. Dat brengt het totaal aantal op 7 stuks. 

We vertrekken vroeg vanuit Polisot omdat het een lange dag zal gaan worden. Onze kaart en infoboekje vermelden geen slaapgelegenheden voor Etourvy wat op ruim 30 kilometer ligt. Voor de "Mairie" maken we nog even een fotootje van het oorlogsmonument met daarvoor een klein model antiek kanon wat kennelijk in de eerste wereldoorlog is gebruikt. 

 

Om aan te geven dat we nog in de Champagne zitten hebben ze midden in de Seine een levensgrote champagnefles geplaatst. Het kijkt leuk maar stelt niet zo veel voor denken we.

Maar als we via een steile klim op een onverharde weg het dorp uit lopen blijken we weer midden tussen uitgestrekte wijngaarden te zitten. Er is veel bedrijvigheid van mensen die de druivenloten vast zetten tussen ijzerdraad, van machines die chemische troep tussen de druivenstruiken spuiten en machines die de struiken aan zij- en bovenkant knippen. Allemaal machines speciaal voor de wijnbouw vervaardigd. We weten ondertussen hoe bewerkelijk het allemaal is, wat er allemaal bij komt kijken en wat het aan tijd kost voordat de champagne eenmaal uit de fles vloeit. Daar zitten vele uren arbeid in. En zeker weten dat we voortaan beelden en herinneringen hebben bij het drinken van een goed glas champagne. 

We komen door de plaatsjes Avirey Lingey en Bagneux la Fosse waar helemaal niets te beleven is. Geen café of terrasje, geen winkel en ook geen kruidenier. Het kijkt wel allemaal mooi die Franse dorpjes en er staat in elk gehucht een kerk, maar het is er uitgestorven. Het leeft niet, althans wij zien het niet. Als er een dichte bestelbus bij een boerderij stopt zien we een vrouw met een stokbrood uitstappen. Vlug er naar toe want het is de rijdende bakker waar ze het hier zo vaak over hebben. Een stokbrood voor onderweg, in ieder geval iets te eten.

In Bragelogne komen na ruim 16 kilometer langs een barretje. Het ziet er allemaal stil en verlaten uit. Als we de deurklink naar beneden doen gaat de deur open, yes! Een leuk kroegje en het ziet er proper uit. De kastelein beweegt moeilijk en praat ook moeilijk. Hij heeft de ziekte van Parkinson. Maar ondanks dat weet hij ons goed te bedienen en kunnen we hem ook verstaan. Veel reclame van Heineken in het café en na twee colaatjes kan PP het niet laten een Heineken te bestellen. Als we vragen waarom hij buiten geen Heinekenlamp heeft hangen geeft ie aan dat wel te willen maar niet te mogen van de brouwerij waarvan hij het tapbier geleverd krijgt.

 

Als we hem naar het adres van overnachtingen in Etourvy vragen, vinden we hembereid voor ons te bellen en te reserveren.
Een heel klein kruidenierswinkeltje zoals die 40 jaar geleden bij ons nog bestonden vinden we naast het café. Het is de caféhouder die dit aangaf, anders hadden we het niet gevonden. We bestellen stokbrood, een rol chocoprince en twee flessen wijn die we op de toonbank ontkurken. We gieten er een in de fles met de rode dop en een in de fles met de zwarte dop. De winkeliersvrouw moet lachen maar begrijpt het. We mogen de lege flessen achter laten.

Voordat we ons bij de Gite rural in Etourvy melden worden we opgewacht en belaagd door een tamme knobbelzwaan. We weten niet wat ie wil en proberen hem te paaien met een stukje stokbrood. Dan begint ie aan de schoenen van T. Er komt een andere knobbelzwaan bij met 4 pluizige jonkies en duidelijk wordt dat wij geen spatjes moeten hebben. We knikken ja en amen en laten de zwanen verder zwemmen.

 

We melden ons bij de Gite en worden eerst naar onze kamer geleid. Als de rugzakken staan krijgen we nog te zien waar we kunnen eten en recreëren. Wi-Fi is gratis maar blijkt zo traag dat we niets upgeload krijgen. Dan blijkt dat er een 2 uur eerder nog een pelgrim uit Duitsland is gearriveerd die op de eerste verdieping ligt. Als we ons installeren in onze kamer zien we voor het raam een man in de tuin aan een tafeltje zitten. Hij schrijft iets in een soort van dagboek. Als we het raam openen en hem lachend met "Guten tag" aanspreken, draait hij zich verbaast om en komt naar ons toe. We schudden elkaar de hand en krijgen gelijk te horen dat dit voor hem de eerste keer is in 3 weken dat hij andere pelgrims tegen komt. Hij erg blij eindelijk eens een gesprek te kunnen voeren met mensen die hij verstaat. Het is Armin Hippe uit Wegberg in Duitsland.

 

 

Die avond eten we met z'n drieën in de keuken van de Gite waaralles netjes voor ons in de koeling is klaar gezet. Alleen nog even opwarmen. De kaas en de de wijn ontbreken er niet aan.

 



Reacties

49. Bambie…

10 juni 2011

Etourvy-Tonnerre: 21 km.

dag 41, totaal: 845 km.

 


Samen met onze Duitse pelgrim zitten we rond 8 uur aan het ontbijt. Armin heeft al koffie gezet en is het brood aan het roosteren. We zitten zo te kletsen dat we de tijd bijna vergeten. Het wordt een ontbijt wat ruim een uur haalt en we gaan wat later dan gepland op pad. Armin gaat via de verharde wegen maar wij blijven de GR654 volgen.


Direct vanuit Etourvy gaat het steil omhoog en zitten we al vlug op de hoogvlakte. Donkere wolken dienen zich aan en we besluiten deze keer de regenhoezen over de rugzakken te doen en de regenjas aan te trekken voor de regen ons verrast. Goed gepland deze keer want 5 minuten later gaat het regenen. Het duurt gelukkig niet lang en op de Val Malade is het weer droog. Iets verder zitten we op het hoogste punt en hebben rondom een schitterend uitzicht, allemaal velden met verschillende graansoorten en koolzaad. Hier en daar een stuk bos er tussen.


Op het hoogste punt op de hoogvlakte staat een klein stenen hutje met een deuropening zonder deur. Daaromheen een hoop vlierstruiken. Er is plaats voor maar enkele personen. Het blijkt een schuilhut te zijn tegen onweer en regen voor de arbeiders die op het land werken. We hebben er al meer gezien op onze weg.
Achter dit hutje treffen we ook nog een golfplaat op vier paaltjes op ongeveer 50 centimeter boven de grond. Daarbij een voeremmer en een bak met water. Het zijn voerplaatsen voor fazanten en patrijzen die door de jagers onderhouden worden. Als we verder lopen over een onverharde weg tussen twee grote tarwevelden in en T een stuk voor ligt, stopt ze plotseling en begint te gebaren naar iets wat midden in het pad loopt. Opgewonden zien we dat het een Bambie (reekalfje) is die geheel onschuldig en onwetend naar ons toe komt gelopen. We horen dat ze piepende geluidjes maakt. We weten niet wat we zien en staan stokstijf om het jonge beestje niet af te schrikken. Het lijkt alsof ze haar moeder zoekt. We krijgen de tijd om de camera te installeren en een stukje te filmen. Hopelijk lukt het ons dit filmpje op onze website te zetten zodat jullie kunnen meegenieten van dit werkelijk prachtige moment. Als het beestje ons, op ongeveer 6 meter afstand, goed aangekeken heeft en ziet dat wij niet haar pappie en mammie zijn, besluit ze het op een lopen te zetten en verdwijnt verderop in de tarwe. We zien haar nog een keer boven de tarwe uit waarna ze in dekking gaat. Gelijk dient Reintje de Vos zich aan aan het eind van het pad op grote afstand. Het is ook maar voor even want hij had ons meteen in de gaten. Omdat we stevig doorlopen zien we al vroeg in de middag de stad Tonnerre op een heuvel verrijzen. De grote kerk is direct een blikvanger boven tegen de berg aan.

Dan is het nog een uurtje lopen voordat we ons melden bij de Office de Tourisme. Daar vragen we naar de overnachtingsmogelijkheden voor pelgrims. Ook hier een local de nuit en een vriendelijke juffrouw geeft op de plattegrond aan waar we moeten zijn. Ze vraagt of we een tampon willen en we kijken elkaar vragend aan. Dan blijkt dat een tampon een stempelapparaat is wat een cachet (de inktstempel) neerzet in ons credential. Ja ja, je moet het maar weten. Via het centrum lopen we naar ons verblijf, waarin ook een scoutinggroep zijn onderkomen heeft. Het blijkt een zeer eenvoudig kamertje met een bed en een extra matras, een tafel, een wastafel en een douche. Prima dus...

 

Het eerste werk is douchen en kleren wassen. We komen erachter dat onze zeep op is. Gelukkig staat er afwasmiddel met citroen. Het wast heerlijk weg op lijf en kleding. Zelfs de haren gaan er van glanzen met een heerlijke citroengeur erbij. Lekker veel sop alleen uitspoelen is wat meer werk. En blijkt later.... alle kloofjes in de handen, voeten en in de bilspleet verdwenen en het help ook tegen roos.

Na het douchen lopen we het centrum van Tonnerre in om de bieb te zoeken. Het blijkt een oud vervallen gebouw te zijn waar ze wel een pc maar geen WiFi hebben. Jammer dan en we lopen verder om wat boodschappen te doen. Bij de avondwinkel worden we geholpen door een uiterst vriendelijke Marokkaanse jongen die ons wat tips geeft voor Wi-Fi. Hij stuurt naar de telefoonwinkels en zet alvast de rosé in de koeling voor T. Bij de telefoonwinkel worden we verwezen naar Le Fosse Dionne waarvan wij begrijpen dat het een restaurant is. Onderweg daar naar toe lopen we Armin tegen het lijf. We hadden hem bijna niet herkend met bril op. Het bleek dat hij een kamer had geboekt bij....... Fosse Dionne. Even later zitten we daar aan de wijn met de Wi-Fi-code die Armin op zijn kamer heeft gehaald. 

Na de borrel gaan we terug naar de winkel en halen onze boodschappen op. De rosé was inmiddels lekker gekoeld. We krijgen daar nog een extra stuk stokbrood, bananen en kersen gratis mee omdat ook hij het knap vond wat wij deden en dus goed moesten eten. 

 

Terug bij ons onderkomen gaan we aan de stokbrood, kaas en de wijn en vieren we stilletjes onze aankomst in Tonnerre. We maken er elke dag weer een feestje van........

 



Reacties